Jaarverslag 2020 | Paragrafen

Lokale heffingen

Samenvatting

In 2020 was 18 procent van de inkomsten van de gemeente De Ronde Venen afkomstig uit lokale heffingen. De lokale heffingen vormen een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente.

In 2020 heeft compensatie plaatsgevonden aan inwoners en bedrijven van de in rekening gebrachte precariobelasting. 

Beleid voor lokale heffingen

Het heffen van lokale heffingen stelt de gemeente in staat om maatschappelijke voorzieningen op een evenwichtige wijze in stand te houden. Ook stellen heffingen de gemeente in staat maatschappelijke kosten door te belasten aan specifieke veroorzakers, zoals bijvoorbeeld de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. In het verlengde hiervan stelt het heffen van lokale heffingen de gemeente in staat een sluitend meerjarenperspectief te bereiken.

Voor 2020 is een prijsontwikkeling voor de belastingen en tarieven gehanteerd van 1,4 procent. Uitzondering hierop zijn de rijksleges. Het tarief voor de OZB is gecorrigeerd voor prijs- en waardeontwikkeling.

Voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing geldt als uitgangspunt 100% kostendekking.

De belastingtaken zijn uitbesteed aan Gemeentebelastingen Amstelland (GBA). Het gaat om taken op het gebied van de uitvoering van de Wet WOZ, de heffing en invordering van de belastingen onroerendezaakbelastingen, roerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing, rioolheffing, hondenbelasting, forensenbelasting, toeristenbelasting en de bijdragen voor de Bedrijven Investeringszone.

Meerjarig overzicht van de lokale heffingen

Overzicht lokale heffingen over de jaren 2017 tot en met 2020 (bedragen x 1.000 euro)
Nr. Naam van de heffing

Rekening

2017

Rekening

2018

Rekening

2019

Rekening 

2020

           
1 Onroerendezaakbelasting voor woningen 5.517 5.579 5.955 5.760
2 Onroerendezaakbelasting voor niet-woningen 2.052 2.064 2.031 2.049
3 Rioolheffing 4.428 4.590 4.799 4.938
4 Afvalstoffenheffing 3.557 3.702 3.830 4.648
5 Precariobelasting 2.261 2.262 2.261 2.261
6 Leges wonen en bouwen 2.032 1.741 1.716 2.513
7 Leges burgerzaken 922 849 580 470
8 Begraafplaatsrechten 291 327 348 354
9 Forensenbelasting 212 245 271 249
10 Toeristenbelasting 204 217 270 211
11 Hondenbelasting 162 167 171 164
12 Overige leges 123 144 165 161
13 Roerende zaakbelasting 80 80 81 75
14 Bedrijveninvesteringszones 74 55 86 112
15 Marktgelden 48 49 9 8
16 Parkeerheffingen 6 8 13 35

 

01 | Onroerende zaakbelastingen voor woningen

De onroerende zaakbelasting woningen is een algemene heffing. De gewenste opbrengst is bepaald bij het vaststellen van de begroting 2020. Door de gewenste opbrengst te delen door WOZ-waarde op peildatum 1 januari 2019 ontstaat het tarief. De tarieven 2020 zijn vastgesteld in de raad van december 2019. De werkelijke gerealiseerde opbrengst onroerendezaakbelasting voor woningen van afgerond € 5.760.000 sluit aan bij de verwachte opbrengst 2020.

02 | Onroerende zaakbelasting voor niet woningen

De onroerende zaakbelasting niet-woningen is ook een algemene heffing. De gewenste opbrengst is bepaald bij het vaststellen van de begroting 2020. Door de gewenste opbrengst te delen door de WOZ-waarde op peildatum 1 januari 2019 ontstaat het tarief.  De tarieven zijn vastgesteld in de raad van december 2019. De werkelijke gerealiseerd opbrengst onroerendezaakbelasting niet-woningen van afgerond € 2.049.000 ligt  € 70.000 lager dan de verwachte opbrengst 2020. Dit betreft een procentuele afwijking van slechts 3% ten opzichte van begroot. 

03 | Rioolheffing

Er is een rioolheffing van € 213 geheven van eigenaren van woningen en niet-woningen. Bij een waterverbruik boven 300 kuub betaalde de gebruiker € 0,82 per kubieke meter. In 2020 is € 190.000 toegevoegd aan de voorziening rioolheffing waardoor sprake is van 100 procent dekking. Dit is zichtbaar in onderstaand tabel.

Specificatie rioolheffing (bedragen maal € 1.000)

 

Begroting

2020

Rekening

2020

Verschil
Opbrengsten:      
  • Rioolheffing
4.900 4.938 38
Totaal opbrengsten 4.900 4.938 38
Kosten:      
  • Directe kosten
2.739 2.773 34
  • Capaciteitskosten
602 574 -28
  • Toegerekende kosten overhead, BTW e.d.
1.401 1.401 0
  • Verrekening met voorziening rioolheffing
158 190 32
Totaal kosten 4.900 4.938 38
       
Dekkingspercentage 100% 100%  

 

04 | Afvalstoffenheffing

In 2020 betaalde een eenpersoonshouden/recreatiewoning € 207,40 aan afvalstoffenheffing en € 269,40 bij een meerpersoonshuishouding. Voor het gebruik van een extra container van 140 liter is € 121,80 euro in rekening gebracht en € 158,40 bij een extra container van 240 liter.

In 2020 is er sprake is geweest van hogere kosten van afvalstoffenheffing die niet gecompenseerd konden worden door hogere tarieven of het inzetten van de voorziening afvalstoffenheffing. Hierdoor is er sprake van een tijdelijk tekort van € 608.000 in 2020. In 2021 is rekening gehouden met hogere tarieven waardoor sprake is van 100 procent dekking. Het tekort voor 2020 is zichtbaar in onderstaand overzicht.

Specificatie afvalstoffenheffing (bedragen maal € 1.000)
 

Begroting

2020

Rekening

2020

Verschil
Opbrengsten:      
  • Afvalstoffenheffing
4.671 4.648 -23
  • Overige
572 482 -90
Totaal opbrengsten 5.243 5.130 -113
Kosten:      
  • Directe kosten
3.630 3.645 15
  • Capaciteitskosten
591 570 -21
  • Toegerekende kosten overhead, BTW e.d.
1.523 1.523 0
  • Verrekening met voorziening afvalstoffenheffing
- - -
Totaal kosten 5.744 5.738 -6
       
Dekkingspercentage 91% 89%  

 

05 | Precariobelasting

De gemeente heft precariobelasting op nutsnetwerken (ondergrondse kabels en leidingen) op basis van de geldende overgangsregeling. Die houdt in dat nog tot 1 januari 2022 precariobelasting mag worden geheven naar maximaal het tarief dat op 10 februari 2016 gold.

In 2020 is er in totaal € 2.261.000 aan precariobelasting ontvangen dat betrekking heeft op ondergrondse kabels en leidingen, waaronder precariobelasting op het gas- en electriciteitsnetwerk en op het waterleidingsnetwerk.

Begin 2018 is op basis van een initiatiefvoorstel door 3 raadsfracties door de gemeenteraad besloten om de inwoners (via een bestemmingsreserve precario) te compenseren voor de door Vitens 1 op 1 aan haar klanten doorberekende precariobelasting, verhoogd met bijkomende kosten, op het waterleidingnetwerk. Het initiatiefvoorstel beoogt teruggave van € 553.000 (+ bijkomende kosten) per jaar aan inwoners in onze gemeente als compensatie voor de heffing van het waterleidingnetwerk tot en met 2021. Daarnaast is bij de bestuurlijke behandeling van de Kadernota 2018, een amendement aangenomen om de komende jaren 1 miljoen euro terug te geven aan inwoners en bedrijven als compensatie voor de doorbelaste precariobelasting op gas- en electriciteitsnetwerken.

Vanaf 2020 verrekent de gemeente de vergoeding ‘precario waterbedrijven’ direct met waterleidingbedrijf Vitens. Via de eindafrekening van het waterleidingsbedrijf Vitens is € 553.000 gecompenseerd aan precariobelasting op het waterleidingsnetwerk.  De uitvoeringskosten in 2020 bedroegen € 14.000. 

De compensatie precariobelasting op gas- en electriciteitsnetwerken heeft plaatsgevonden via een gecombineerde aanslag gemeentelijke belastingen. Gemeentebelastingen Amstelland (GBA) is de uitvoerende partij voor het compenseren van de precariobelasting op gas- en electriciteitsnetwerken. De vergoeding voor precario op gas- en electriciteitsnetwerken bedraagt € 40,00 per aansluiting. In 2020 is door Gemeentebelastingen Amstelland (GBA) € 725.000 precariobelasting op gas- en electriciteitsnetwerken gecompenseerd. Deze compensatie heeft voornamelijk betrekking op het jaar 2020. De verwachting is dat we nog € 276.000 moeten compenseren aan geheven precariobelasting op gas- en electriciteitsnetwerken. Het nog te verwachte compensatiebedrag is meegenomen in de jaarcijfers 2020.

07 | Leges burgerzaken

Onder leges burgerzaken vallen legesopbrengsten van verstrekkingen van diverse uittreksels en verklaringen waaronder basisregistratie personen, bevolking, burgerlijke stand, het verstekken van rijbewijzen, eigen verklaringen, reisdocumenten (paspoort of identiteitskaart), optieverklaring, naturalisatieverklaring en verklaring omtrent het gedrag, (VOG). Bij diverse verklaringen en uittreksels is er sprake van een gemeentelijke legesopbrengst en van een rijkslegesopbrengst. Voor de rijksleges vindt er een afdracht plaats aan het Rijk. Naast de eis dat de legesopbrengsten de kosten niet mogen overstijgen, zijn er voor de leges burgerzaken ook voor een groot deel maximumtarieven vastgesteld door het Rijk.

In 2020 is er een legesopbrengst burgerzaken gerealiseerd van € 470.000. Daar staat tegenover ook nog een afdracht aan het Rijk van € 167.000. De legesopbrengst burgerzaken inclusief de afdracht aan het Rijk bedraagt voor 2020 € 303.000. 

08 | Begraafplaatsrechten

In de gemeente hebben de kernen Abcoude, Baambrugge en Wilnis een begraafplaats. Voor het gebruik van de begraafplaatsen en bijbehorende diensten in verband met de begraafplaats heft de gemeente lijkbezorgingsrechten op grond van de Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2020.

De begraafplaatsrechten hebben betrekking op leges voor de dienstverlening van het begraven en op grafrechten voor aankoop of huur van een graf op de begraafplaats. In 2020 bedraagt de opbrengst begraafplaatsrechten € 354.000.

09 | Forensenbelasting

Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. De WOZ-waarde dient als grondslag voor de heffing.  Het percentage 2020 bedroeg 0,1846%. In 2020 is € 249.000 aan belastingopbrengst gerealiseerd. 

10 | Toeristenbelasting

De opbrengst toeristenbelasting bestaat uit landtoeristenbelasting en watertoeristenbelasting. 

Onder de naam 'landtoeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. De landtoeristenbelasting wordt geheven als algemeen dekkingsmiddel en als een bijdrage in de lasten van gemeentelijke voorzieningen door personen die niet in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens zijn ingeschreven. De wettelijke basis is de gemeentewet en de Verordening op de heffing en invordering van de toeristenbelasting. Op grond van de verordening is per persoon en per overnachting een bedrag verschuldigd. Het tarief landtoeristenbelasting 2020 bedroeg € 0,92 per overnachting.

Naast landtoeristenbelasting heft de gemeente De Ronde Venen ook watertoeristenbelasting. Onder de naam 'watertoeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf op vaartuigen die aanwezig zijn in wateren binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook, door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. Ook watertoeristenbelasting wordt geheven als algemeen dekkingsmiddel en als een bijdrage in de lasten van gemeentelijke voorzieningen door personen die niet in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens zijn ingeschreven. De wettelijke basis is de gemeentewet en de Verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting. Op grond van de verordening is per gemiddeld aantal personen en per gemiddeld aantal dagen dat verblijf op het water wordt gehouden een bedrag verschuldigd.
Het tarief watertoeristenbelasting 2020 bedroeg € 0,92 per verblijf. 

De uitvoering van deze belastingtaak is uitbesteed aan Gemeentebelastingen Amstelland. De landtoeristenbelasting en de watertoeristenbelasting wordt door Gemeentebelastingen Amstelland opgelegd na afloop van het jaar. De opbrengst landtoeristenbelasting is € 159.000 en de opbrengst watertoeristenbelasting is € 52.000. De opbrengst is gebaseerd op de laatste kwartaalrapportage 2020 van de uitvoeringsinstantie, de ontvangen toeristenbelasting voorgaande jaren die later nog zijn ontvangen en een mogelijke lagere opbrengst landtoeristenbelasting in verband met de coronamaatregelen.  Er zijn door de uitvoeringsinstantie signalen afgegeven dat de inkomsten voor landtoeristenbelasting mogelijk lager liggen in verband met Corona. Daarom is de verwachte opbrengst voor de landtoeristenbelasting met 30% verlaagd ten opzichte van de begrote landtoeristenbelasting 2020. 

11 | Hondenbelasting

Onder de naam hondenbelasting wordt door de gemeente De Ronde Venen een belasting geheven ter zake van het houden van honden. De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden.  Het belastingtarief 2020 bedroeg  € 62,90 per hond. Daarnaast is er een afwijkend tarief voor honden gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied in Nederland, dit bedroeg voor 2020 € 286,60 per kennel. 

De hondenbelasting is een belasting die, net als de OZB, naar de algemene middelen van de gemeente vloeit. De gemeente heeft ook kosten aan de honden die gehouden worden binnen de gemeente. Waaronder de hondenpoepmaatregelen, faciliteren en onderhouden losloopgebied en hondenspeelplaatsen, communicatie in de vorm van een hondeninformatiefolder en de handhaving op het hondenpoepbeleid. De opbrengst hondenbelasting 2020 is € 164.000.

Ontwikkeling lokale woonlasten

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de Rijksuniversiteit van Groningen vergelijkt periodiek onder andere de diverse lokale lasten met elkaar. Het COELO brengt hierover jaarlijks de 'Atlas van lokale lasten' uit, met daarin informatie over alle gemeenten in Nederland. De resultaten van dit onderzoek voor onze gemeente is hieronder vermeld en ter vergelijking is hieraan toegevoegd het gemiddelde van alle gemeenten voor 2020.

In de gemeentelijke woonlasten van een meerpersoonshuishouden met een eigen woning is begrepen de onroerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Hierop is in 2020 een lokale korting verstrekt van € 40 vanwege teruggave precario.

 

2017

De Ronde Venen

2018

De Ronde Venen

2019

De Ronde Venen

2020

De Ronde Venen

2020

Nederland

Woonlasten:

         
  • Meerpersoonshuishouden
€ 721 € 732 € 568 € 746 € 773
  • Eenpersoonshuishouden
€ 672 € 681 € 517 € 684 € 700
Tarieven:          
  • OZB voor woningen
0,0958% 0,0915% 0,0903% 0,0800% 0,1135%
  • OZB voor eigenaar niet-woning
0,1513% 0,1484% 0,1544% 0,1396% 0,2897%
  • OZB voor gebruiker niet-woning
0,1208% 0,1101% 0,0957% 0,1040% 0,2128%
  • Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden
€ 215 € 218 € 224 € 269 € 287
  • Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouden
€ 166 € 168 € 172 € 207 € 226
  • Rioolheffing meerpersoonshuishouden
€ 203  € 205 € 210 € 213 € 196
  • Rioolheffing eenpersoonshuishouden
€ 203 € 205 € 210 € 213 € 184

Ontwikkeling belastingdruk ondernemers

Bij de vaststelling van de programmabegroting 2021 is het amendement “Ondernemers in beeld” aangenomen. Op basis van dit amendement worden de lasten voor de ondernemers in De Ronde Venen (zoveel mogelijk) in beeld gebracht.

De gemeentelijke belastingen en heffingen waarmee een ondernemer te maken kan hebben hangt af van de specifieke situatie van het bedrijf. Ondernemers in de gemeente De Ronde Venen hebben meestal te maken met Onroerendezaakbelasting niet-woningen en Rioolheffing. Daarnaast kan de ondernemer te maken krijgen met marktgelden en Bedrijven investeringszone (BIZ)-bijdrage. De BIZ-bijdrage is geen inkomst voor de gemeente maar wordt door de gemeente geheven en als subsidie overgedragen aan de Stichting Koopcentrum Mijdrecht. Er zijn ook lokale heffingen die niet ten laste komen van de ondernemers maar wel via de ondernemer worden geheven, dat zijn land- en watertoeristenbelasting.

Beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid

Niet iedere inwoner van De Ronde Venen is in staat om de gemeentelijke belastingen en rechten te betalen. Onder bepaalde voorwaarden kan kwijtschelding worden verleend voor onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing, rioolheffing en hondenbelasting.

Voor kwijtschelding van lokale heffingen is € 107.000 besteed in 2020. Dit was in 2019 € 104.000. De kosten van kwijtschelding zijn verantwoord in programma 6 Sociaal domein.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Samenvatting

Als gemeente brengen we zoveel mogelijk relevante risico’s die we lopen in beeld, zodat we adequate maatregelen kunnen treffen. We streven ernaar dat het optreden van risico’s zo weinig mogelijk effect heeft op de uitvoering van het bestaande beleid. Daarvoor stimuleren we het risicobewustzijn van medewerkers en het tijdig treffen van maatregelen ter voorkoming of beperking van risico’s. Als toch een financieel risico zich voortdoet dan kunnen we het weerstandsvermogen inzetten. De geactualiseerde verhouding tussen risico's en de mogelijkheid om deze te kunnen opvangen vanuit het weerstandsvermogen is "uitstekend".

Er zijn twee kanttekeningen bij de bovenstaande beoordeling:

  • We zien dat in de komende jaren de schuldenpositie toeneemt door investeringen en incidentele projecten. 
  • Voor de jaren 2019, 2020 is er sprake van een structureel tekort. Ondanks het nemen van diverse ombuigingsmaatregelen verwachten we dit ook voor 2021.

Beleidskader voor weerstandsvermogen en risico's

We willen bereiken dat er sprake is van een gezonde financiële positie om voldoende slagkracht te hebben voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Dat vergt niet alleen een structureel sluitende begroting en jaarrekening, maar daarnaast voldoende weerstandscapaciteit in relatie tot de risico's. Informatie over de financiële positie, het weerstandsvermogen en de risico's zijn beschreven in deze paragraaf.

Financiële kengetallen

Landelijk is bepaald dat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing vijf kengetallen worden opgenomen. De kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Deze kengetallen hebben geen functie als normeringsinstrument, maar zijn juist bedoeld om de gemeentelijke financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken en de onderlinge vergelijkbaarheid tussen gemeenten te vergroten.

De gezamenlijke toezichthouders hebben aan de kengetallen signaleringswaardes toegekend. In de tabel hieronder is te zien welke waarden bij welke categorie (A, B of C) horen. Hierbij geldt dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest risicovol.

    2017 2018 2019 2020

Signaal

1a Netto schuldquote 57% 63% 80% 45% A
1b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 55% 61% 78% 43% A
2 Solvabiliteitsratio 32% 32% 25% 26% B
3 Structurele exploitatieruimte 0,6% 1,3% -1,6% -1,8% C
4 Grondexploitatie 14% 14% 19% -2% A
5 Belastingcapaciteit 100% 89% 77% 97% B

Toelichting op de financiële kengetallen

1. Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De schuldpositie neemt af van 80 procent in 2019 naar 45 procent in 2020. Deze daling wordt vooral veroorzaakt door verkopen van grondexploitaties. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, zoals Het startersfonds SVn, vertoont hetzelfde beeld. 

2. Solvabiliteitsratio

De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dit ratio is voor 2020 nagenoeg gelijk aan die van 2019. Een percentage lager dan 20% wordt gekwalificeerd als risicovol.

3. Structurele exploitatieruimte

Voor deze indicator geldt: hoe hoger het percentage, hoe beter. Een jaarrekening waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten geeft meer slagkracht om maatschappelijke vraagstukken op te lossen. Voor het beoordelen van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begroting- en rekeningsaldo incidenteel beïnvloeden. Het gaat om eenmalige zaken en om (meerjarige) projecten of subsidies als deze eveneens het karakter van tijdelijkheid c.q. eindig doel hebben. Voorbeelden van structurele baten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld salarissen, afschrijvingen, rente en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen.

Uit de indicatoren blijkt dat voor de jaren 2017 en 2018 er sprake is van positieve financiële resultaten. Vanaf 2019 is er sprake van een kanteling naar een tekort door met name toegenomen zorgkosten. 

4. Grondexploitatie

De boekwaarde van de voorraden grond worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Het aandeel van boekwaarde van grondexploitaties ten opzichte van de baten neemt in 2020 toe naar -2 procent. Dit komt door de verkoopopbrengsten in 2020.  

5. Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Het landelijk gemiddelde in 2020 is € 746 aan gemeentelijke woonlasten van een meerpersoonshuishouden. Onze woonlasten zijn 3% beneden dit landelijke gemiddelde. Een meerjarige ontwikkeling van de lokale woonlasten is opgenomen in de paragraaf Lokale heffingen.

Ontwikkeling investeringsplafond met een maatschappelijk nut

Bij het behandelen van de Kadernota 2018 is een amendement aangenomen om te komen tot een investeringsplafond voor investeringen met een maatschappelijk nut. Door aanpassing van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten zorgen deze investeringen namelijk voor nieuwe kosten van afschrijvingen en rente in het meerjarenperspectief. Bij Investeringen met een maatschappelijk nut gaat het om investeringen in de openbare ruimte: (water)wegen, straten, pleinen, viaducten, geluidswallen, parken en openbare verlichting.

Door onszelf een norm op te leggen die gebaseerd is op het investeringsvolume in relatie tot de onbenutte belastingcapaciteit ontstaat automatisch een waarschuwingsmechanisme. Dit mechanisme houdt in dat naarmate er minder onbenutte belastingcapaciteit is – en dus minder mogelijkheden om meer inkomsten te genereren – er minder risico’s genomen kan worden op het gebied van investeringen.

Als maatstaf voor het investeringsvolume werkt daarbij het beste om uit te gaan van de totale boekwaarde van investeringen met een maatschappelijk nut. Immers, de boekwaarde en daarmee het risico voor de gemeente loopt ieder jaar per investering af. Zo ontstaat er bij een continu onderhoudscyclus steeds ruimte voor vervangingsinvesteringen. Aangezien we vanaf 2017 zijn begonnen zijn met het activeren van investeringen met een maatschappelijk nut is er nog geen sprake van een continu niveau.

Het is niet aannemelijk dat de raad besluit om in enig jaar de volledige onbenutte belastingcapaciteit in te zetten. Daarom is deze belastingcapaciteit op 50% gesteld maal de factor 7. We zijn de eerste gemeente die een investeringsplafond koppelen aan de onbenutte belastingcapaciteit. In 2021 zal het investeringsplafond worden herijkt.

 

De komende jaren staan diverse investeringen met een maatschappelijk nut gepland waardoor het investeringsplafond en de boekwaarde van deze investeringen naar elkaar groeit.

Relatie tussen de omvang van afschrijvingen en die van aflossingen

In december 2017 heeft de raad het Treasurystatuut 2018 - 2021 vastgesteld. Hierin is opgenomen dat in zowel de begroting als in de verantwoording inzicht wordt verstrekt tussen de relatie tussen de omvang van afschrijvingen en die van aflossingen. Dit is van belang om inzicht te geven of op termijn de aflossingen ongeveer gelijk gaan lopen met de afschrijvingen. 

Beschikbare weerstandscapaciteit, risico's en weerstandsvermogen

De weerstandscapaciteit bestaat uit het geheel van middelen en mogelijkheden om niet begrote, onvoorziene en (mogelijk) materiële kosten te dekken. De weerstandscapaciteit kan structureel en incidenteel van aard zijn. Incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit het vermogen van de gemeente om eenmalige risico’s te dekken, zonder dat dit invloed heeft op het bestaande beleid. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen die permanent kunnen worden ingezet om risico’s af te dekken zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van het beleid.

Beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit is € 28.558.000 voor het jaar 2020. Hiervan heeft € 7.500.000 een structureel karakter en € 21.058.000 een incidenteel karakter. De berekening is opgenomen in onderstaande tabel.

    Structureel Incidenteel
1 Rekeningresultaat 2020   -1.535.000
2 Algemene reserve   18.676.000
3 Onbenutte belastingcapaciteit 7.500.000  
4 Stille reserves   3.917.000
5 Totaal 7.500.000 21.058.000
       
Toelichting    
1 De jaarrekening 2020 komt uit op een tekort van € 1.535.000. Wij stellen voor om dit te verrekenen met de algemene reserve.
2 De algemene reserve is het niet-bestemde deel van het eigen vermogen van de gemeente. Dat betekent niet dat dit vermogen geen functie heeft. De algemene reserve speelt een belangrijke rol in de weerstandscapaciteit van de gemeente. Voor het gebruik van deze reserve is – net zoals voor andere reserves – een specifiek raadsbesluit vereist. Op 31 december 2020 heeft de algemene reserve een omvang van € 18.676.000
3

De gemeente kan structureel (extra) middelen genereren door belastingen te verhogen en heffingen meer kostendekkend te maken (voor zover daar nog mogelijkheden voor bestaan). Het structureel genereren van extra middelen kan worden ingezet om de weerstandscapaciteit te versterken. De belastingruimte is hoofdzakelijk te vinden bij de onroerendezaakbelasting, omdat kostendekkende tarieven het uitgangspunt is bij de rioolheffing en afvalstoffenheffing.

De onbenutte belastingcapaciteit is € 7.500.000 en is afgeleid uit de norm die het Ministerie van Binnenlandse Zaken hanteert voor het aanvragen van financiële steun ex artikel 12.

4 De stille reserves worden gevormd door de eigendommen die niet voor de publieke taak zijn waarvan de taxatiewaarde hoger ligt dan de boekwaarde. De omvang van de stille reserves is € 3.917.000 per 31 december 2020 en is toegelicht in de paragraaf Grondbeleid. De gemeente bezit ook aandelen van de BNG en Vitens. Deze kunnen op termijn verkocht worden. Doordat de aandelen van deze partijen in het bezit zijn van het Rijk, provincies en gemeenten is hiervoor geen ‘markt’. Hierdoor wordt volstaan met een melding in deze paragraaf.

 

Top tien van de risico's

In het onderstaande overzicht is de top tien van de totale risico-inventarisatie opgenomen. Daarnaast zijn onder nummer 11 de overige risico's (totaal 38) samengevoegd.

Samenvatting kwantificering – bedragen  x € 1.000
  Onderwerp Gemiddeld Beheersmaatregelen
1 Algemene uitkering  2.000 Ontwikkelingen vanuit het Rijk worden nauwlettend gevolgd.
2 Covid-19 500 Monitoren van inkomsten & uitgaven, ontwikkelingen volgen vanuit het Rijk.
3 Gevolgen uitspraak Programma Aanpak Stikstof (PAS) 500 Samen met diverse stakeholders wordt een praktische werkwijze vormgegeven zodat vergunningverlening voor de meeste bouwplannen kan worden gecontinueerd. Voor de grotere projecten wordt per project bekeken en gerekend aan de stikstofdepositie.
4 Financiering 500
  • Spreiding van leningenportefeuille.
  • Periodiek overleg met de bank.
5 Revitalisering en huurkwestie woonwagens 500 Aan de hand van een extern onderzoek de behoeftestelling voor de 2e en 3e generatie vaststellen
6 Openeinderegelingen sociaal domein - Jeugdwet 450 Gebruik sociale basis versterken en meer regie voeren op inzet jeugdhulp
7 Openeinderegelingen sociaal domein - Wet WMO 200 Normenkader HHM hanteren. Deze is vastgesteld door het college op 2.2.2021
8 Openeinderegelingen sociaal domein - Regeling participatiewet / Werk en inkomen (TONK) 200 Inzet op snelle uitstroom van het bijstandsbestand.
9 Kwetsbaarheid personeel (door ziekte/kennis) 175 Focus op voorkomen van ziekteverzuim; indien verzuim optreedt vroegtijdig aandacht om zieke werknemer weer aan het werk te houden/ te krijgen.
10 Cybercrime 175
  • Voorzien van veilige verbindingen en toegang.
  • Vergroten risicobewustzijn bij medewerkers.
  • Aansluiten bij informatiebeveiligingsdienst van de VNG.
11 Overige risico's 4.938 Dit betreft de kwantificering van de overige 39 risico's.
  Totaal 10.138  

Onderhoud kapitaalgoederen

Samenvatting

Voor de kapitaalgoederen wegen, kunstwerken, openbare verlichting, riolering, groen en gebouwen zijn eerder beleidskaders c.q. beheerplannen vastgesteld.

De instandhouding en het beheer van deze kapitaalgoederen is van belang voor de leefbaarheid en de veiligheid in onze gemeente. Met de beleidskaders en de meerjarenonderhoudsplannen hebben wij inzicht in de uit te voeren maatregelen en de bijbehorende financiële kaders. De structurele kosten van beheer en onderhoud zijn opgenomen in de diverse programma's van deze programmarekening. Daarnaast hebben wij in 2020 investeringsbudgetten aangewend voor wegen, bruggen en openbare verlichting van € 4,1 miljoen euro, voor vastgoed(gebouwen) van 0,3 miljoen euro en voor riolering van 0,5 miljoen euro (zie voor verdere specificatie bijlage voortgang investeringen).

Wegen | beleid

  • Het wegenbeheerplan 2018 - 2022 is opgesteld op basis van assetmanagement en is de leidraad voor het wegenbeheer in deze periode. Jaarlijks wordt er een risicoanalyse opgesteld om de (nieuwe) prioritering voor het wegenonderhoud op te stellen.
  • Onder het onderdeel wegen vallen ook de civieltechnische kunstwerken. Hiervoor heeft de raad in november 2019 een beheerplan 2020 - 2024 vastgesteld op basis van assetmanagement.
  • Het beleidsplan openbare verlichting 2020 - 2024 is in december 2019 door de raad vastgesteld.

Wegen | uitvoering

In 2020 heeft aan diverse wegen groot onderhoud/ reconstructie plaatsgevonden:

  • De reconstructie van de Pieter Joostenlaan in Wilnis;
  • De voorbereidingen aan de Ringdijk 2e Bedijking zijn gestart. De start van de uitvoering staat eind 2021 gepland;
  • Over de Hoofdweg hebben vele grondtransporten voor de werkzaamheden van Waternet aan de Botsholse Dijk plaatsgevonden. Hierdoor is de uitvoering van de Hoofdweg in Waverveen doorgeschoven naar 2021;
  • De werkzaamheden door Waternet aan het Proostdijlaantje in Mijdrecht zijn gereed. De afrekening van de gemeentelijke bijdrage voor de weg vindt in 2021 plaats;
  • Voor de Bovendijk zijn de voorbereidende werkzaamheden in 2020 gestart. De uitvoering staat voor 2021 gepland;
  • Naast het voorstaande hebben er dagelijks kleine onderhoudswerkzaamheden aan wegen plaatsgevonden.

 

Voor de kunstwerken is de stand van zaken eind 2020 als volgt:

  • De werkzaamheden aan de Dorpsbrug Abcoude en de Spoorbrug Vinkeveen zijn na het vaarseizoen van 2020 gestart en voor het vaarseizoen van 2021 gereed;
  • De werkzaamheden aan de diverse houten en betonnen bruggen zijn in 2020 gestart en lopen door in 2021.

 

Voor de openbare verlichting is de stand van zaken eind 2020 als volgt:

  • De vervanging van de verlichting in het centrum van Mijdrecht was eind 2020 grotendeels gereed;
  • De vervanging van masten en armaturen langs de stroomwegen is eind 2020 gestart en wordt in 2021 verder opgepakt.

Wegen | financiën

De exploitatiekosten van wegen, kunstwerken en openbare verlichting zijn toegelicht in programma 2 "Verkeer, vervoer en waterstaat".  Van de investeringsbudgetten is in 2020 3,8 miljoen euro besteed aan o.a., bouw nieuw pontveer, aanleg Haitsmaplein/parkeerterrein Rondweg, reconstructie Pieter Joostenlaan, reconstructie Voorbancken, vervanging houten bruggen Plaswijck en vervanging armaturen openbare verlichting (zie investeringsrapportage).

Riolering | beleid

Een goede riolering draagt bij aan de bescherming van de volksgezondheid, het milieu en het tegengaan van wateroverlast. Met het gemeentelijk rioleringsplan (geactualiseerd en vastgesteld bij raadsbesluit van 30 november 2017) geeft de gemeente aan hoe zij op een doelmatige manier omgaat met de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater.

Riolering | uitvoering

In 2020 is het dagelijks onderhoud aan het rioolstelsel en aan de bijbehorende rioolgemalen uitgevoerd. Om wateroverlast bij extreme buien te voorkomen is in de Dokter van Doornplein in Abcoude een regenwaterafvoerleiding aangelegd. Bij de herinrichting van het Burgemeester Haitsmaplein in Mijdrecht zijn maatregelen getroffen om wateroverlast te voorkomen bij extreme regenbuien. Verder is de riolering van de wijk Molenland gereinigd en geïnspecteerd. 

Riolering | financiën

De exploitatiekosten van riolering zijn opgenomen en toegelicht in programma 7 Milieu en duurzaamheid. Daarnaast is er 0,47 miljoen euro geïnvesteerd in riolering. Dit is vermeld in de investeringsrapportage en in de toelichting op de balans.

Water | beleid

Water is van grote betekenis voor maatschappij, mens en milieu. Om "droge voeten" te houden is het van belang dat de gemeente haar watergangen goed beheert. Dit betekent dat de watergangen tijdig gebaggerd en geschoond moet worden. Daarnaast moet de gemeente de oevers in stand houden. Het waterschap stelt door middel van haar Keur eisen aan de watergangen. De gemeente heeft ontvangstplicht voor de vrijgekomen bagger en maaisel. Het huidige beleid beperkt zich op calamiteitenonderhoud van beschoeiingen en baggeren.

Water | Uitvoering

In 2020 zijn de watergangen die door de gemeente worden beheerd geschoond van vegetatie.  De gemeente heeft voldaan aan haar ontvangstplicht voor de vrijgekomen bagger uit de Eerste Bedijking. Op enkele plaatsen is calamiteitenonderhoud aan de beschoeiing uitgevoerd.

Water| financiën

In programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat zijn de jaarlijkse kosten van onderhoud van watergangen en beschoeiingen opgenomen. De onderhoudskosten 2020 bedragen 0,42 miljoen euro. De werkzaamheden aan de watergangen zijn met een kleine overschrijding van het budget van € 9.000 uitgevoerd.

Groen | beleid

Hoe we met ons openbaar groen om willen gaan en wat we belangrijk vinden, is vastgelegd in het groenbeleidsplan 2017 - 2040. In 2020 is vervolg gegeven aan het versterken van de biodiversiteit in de kernen, één van de speerpunten uit het groenbeleidsplan. Daarnaast hebben we een Plan van Aanpak opgesteld voor de bestrijding van de Japanse Duizendknoop.  Het thema klimaatadaptatie en de bewustwording van het belang van groen heeft ook in 2020 aandacht gekregen.

Groen | uitvoering

In 2020 zijn diverse werkzaamheden voor groen verricht:

  • Er is uitvoering gegeven aan het vervangingsplan voor populieren. Populieren die aan het einde van hun levensduur zijn en een slechte toekomstverwachting hebben zijn vervangen.
  • De bomen aan de Scholeksterlaan zijn gekapt. Herplant vindt plaats op een andere locaties in verband met het ontbreken van een duurzame standplaats.
  • Er zijn vakken met vaste planten aangelegd bij de entree van Mijdrecht en langs de Pieter Joostenlaan.
  • Het tweede Tiny Forest is geplant naast en in samenwerking met basisschool De Fontein en Kinderdagopvang Kind en Co
  • Er is een risico-inventarisatie uitgevoerd, waarin de risicolocaties van de Japanse Duizendknoop in beeld zijn gebracht.
  • Door middel van een subsidieregeling voor groene daken is er ruim 1.400 m2 groen dak aangelegd door eigenaren van woningen en bedrijfspanden.
  • Het reguliere onderhoud aan het groen en de bomen is uitgevoerd.
  • Diverse onderhoudsbestekken zijn aangepast i.v.m. efficiënte en kwaliteitsverbetering o.a. gazon en bermenbestek.
  • De resultaten van het natuurvriendelijker bermbeheer in Abcoude zijn veelbelovend en dit gaan we continueren. Ook op de overige locaties blijven we de bloemrijke soorten stimuleren. We zijn er nog lang niet, maar de verbeterpunten zijn duidelijk zichtbaar.

Groen | financiën

In programma 5 Cultuur, recreatie en sport zijn de kosten voor onderhoud van openbaar groen en speelvoorzieningen opgenomen. Naast de structureel beschikbare budgetten voor onderhoud hebben we in 2020 met de incidenteel beschikbare (extra) budgetten de (extra) activiteiten kunnen uitvoeren, die zijn vermeld bij de uitvoering.

Gebouwen | beleid

In vervolg op de in 2017 vastgestelde nota Vastgoed is uitvoering gegeven aan de beheerplannen van de gemeentelijke gebouwen. Het besluit tot verduurzaming van gemeentelijk vastgoed uit 2018 heeft geleid tot uitvoering van verduurzamingswerkzaamheden in 15 gemeentelijke objecten.  Medio 2020 heeft een aanbesteding plaatsgevonden voor het opstellen van duurzame meerjaren onderhoudsplannen van onze gemeentelijke objecten, ingaande 2021 en verder, inclusief maatwerkadviezen verduurzaming. Deze worden aan de raad voorgelegd medio 2021.

Gebouwen | uitvoering

Stand van zaken:

  • Jaarplan planmatig en preventief onderhoud 2020 is deels uitgevoerd;
  • De toekomstige meerjaren onderhoudsplannen zijn gebaseerd op basis van de werkelijke staat van het object in plaats van op basis van een theoretische levensduur;
  • Contracten voor preventief onderhoud van buitenschilderwerk en legionellabeheer zijn aangegaan en uitgevoerd;
  • Het verbeteren van de toegankelijkheid van onze objecten in het kader van de inclusieve samenleving is in uitvoering;
  • Er is uitvoering gegeven aan de basis op orde te brengen van de registratie/vastlegging van zaken op het gebied van wet- en regelgeving, asbestsanering, duurzaamheid en brandveiligheid van onder meer gemeentehuis;
  • De uitvoering van de ontwerpen voor groot onderhoud en renovatie van  drie brandweerkazernes zijn opgepakt;
  • Er is uitvoering gegeven aan verduurzamingsmaatregelen in onze objecten;
  • Er is inzet gepleegd op klimaatinstallaties die onvoldoende functioneren;
  • In het kader van de Coronapreventie is de ventilatiecapaciteit onderzocht en waar nodig wordt dit aangepast;
  • Het aanwezige uitgestelde onderhoud is binnen de mogelijkheden van de financiële voorziening voor onderhoud uitgevoerd. In 2021 wordt dit afgerond.
  • In onderzoek is of de dakconstructies geschikt zijn voor de plaatsing van zonnepanelen. Onderzoek wordt in 2021 afgerond.

Gebouwen | financiën

In verschillende domeinen en programma's staan de kosten van gemeentelijk vastgoed. Deze kosten hebben betrekking op contractonderhoud, verzekering, energie, belastingen en de dotatie aan de onderhoudsvoorzieningen. Het jaarplan planmatig en preventief onderhoud 2020 is gedeeltelijk uitgevoerd. Er zijn voor 2020 investeringsbudgetten beschikbaar gesteld voor revitalisering brandweerkazernes, aanpassing buitenruimte De Trekvogel, de verduurzaming (quick-wins) voor 15 gemeentelijke gebouwen, herstel dak De Fontein en nieuwbouw scholencomplex Hofland. De  investeringsbudgetten voor de Trekvogel en de 15 gemeentelijke gebouwen zijn afgerond per 31-12-2020.

Financiering

Samenvatting

De resultaten van financiering over 2020 zijn:

  • Er is een langlopende lening afgesloten van 10 miljoen euro voor 0,54 procent.
  • De in 2019 aangetrokken kortlopende lening van 8 miljoen euro is in 2020 afgelost.
  • We hebben voldaan aan de landelijk risicobeheersingsrichtlijnen van de kasgeldlimiet en renterisiconorm. 

Beleidskader

Het uitvoeren van het financieringsbeleid vindt plaats binnen de kaders zoals gesteld in de Wet financiering decentrale overheden, de Wet houdbare overheidsfinanciën en wet verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden. De aanvullende regels vanuit het Treasurystatuut zijn mede bepalend voor het uitvoeren van de financieringsfunctie. In december 2017 heeft de gemeenteraad het Treasurystatuut 2018 - 2021 vastgesteld.

Het gemeentelijke financieringsbeleid is erop gericht om:

  1. te voorzien in de financieringsbehoefte op korte en lange termijn;
  2. het beheersen van de risico’s die met deze transacties verbonden zijn;
  3. het zoveel mogelijk beperken van de rentekosten van de leningen;
  4. het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.

Risicobeheersing - Algemeen

Onder renterisico wordt verstaan de onzekerheid over de hoogte van toekomstige rente uitgaven. Deze onzekerheid geldt alleen voor de nieuw aan te trekken geldleningen. In de periode 2020 - 2024 is rekening gehouden met 50 miljoen euro aan nieuwe langlopende geldleningen. Voor de rentekosten is uitgegaan van 1,0%. Risico bij 100% stijging van rentepercentage is structureel 0,5 miljoen euro. Dit risico is opgenomen in de risico-inventarisatie zoals weergegeven in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Landelijk gelden er twee andere risicobeheersingsrichtlijnen waaraan de gemeente De Ronde Venen moet voldoen, te weten de kasgeldlimiet en renterisiconorm. Aan beide normen voldoet de gemeente De Ronde Venen.

Risicobeheersing - Kasgeldlimiet

Voor korte financiering (looptijd tot 1 jaar) geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn, aangezien fluctuaties in de rente bij korte financiering direct een relatief grote invloed hebben op de rentelasten. Dit risico wordt beperkt door een zogenoemde kasgeldlimiet op basis van de wet financiering decentrale overheden. Dit houdt in dat de omvang van de kortlopende schuld maximaal 8,5% van het begrotingstotaal mag zijn. Voor 2020 betekent dit een limietbedrag van 8,5 miljoen euro. Dit limiet is optimaal benut vanuit de gedachte dat rente van kortlopend geld, zoals daggeld en kasgeld, lager is dan van langlopende leningen. 

Risicobeheersing - renterisiconorm

Bij het aantrekken van langlopende leningen moet rekening worden gehouden met de renterisiconorm. Deze norm heeft als doel het toekomstig renterisico te beperken door de aflossingen en renteherzieningen te spreiden. Voorkomen moet worden dat er in enig jaar een te grote concentratie plaatsvindt van aflossingen en renteherzieningen op lopende leningen. 

Onder renteherzieningen wordt verstaan het bedrag aan leningen waarvan op grond van de leningsvoorwaarden de rente in het lopende kalenderjaar eenzijdig door de tegenpartij kan worden herzien. In de leningenportefeuille zijn er geen contracten met een eenzijdige renteherziening door de geldgever.

Uit onderstaande berekening blijkt dat is voldaan aan de renterisiconorm.

Berekening renterisiconorm (bedragen x € 1.000

   

Begroting

2020

Rekening

2020

1 Renterisiconorm (20% van oorspronkelijke begrotingstotaal) 20.000 20.000
2 Renterisico = aflossingen + renteherzieningen 6.730 6.758
3 Ruimte onder renterisiconorm 13.270 13.242

 

Leningenportefeuille

Hieronder is de leningenportefeuille per 31 december 2020 vermeld. 

Oorspronkelijk

bedrag

Geldgever

Jaar van

laatste

aflossing

Rente

Saldo op

31/12/2020

8.000.000 Nederlandse Waterschapsbank N.V. 2021 3,350% 800.000
4.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2021 2,635% 400.000
5.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2022 2,650% 625.000
2.500.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2023 5,045% 500.000
1.500.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2024 4,190% 300.000
2.500.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2028 5,035% 1.000.000
11.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2029 1,215% 6.600.000
4.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2031 4,150% 1.760.000
8.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2032 2,745% 4.800.000
4.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2033 4,560% 2.000.000
6.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2033 2,800% 3.675.000
10.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2033 2,860% 6.500.000
8.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2034 2,180% 5.500.000
10.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2039 1,062% 9.500.000
10.000.000 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten 2060 0,540% 9.813.000
  Totaal     53.773.000

Berekening geldstromen en toets op de kasgeldlimiet

 

 

Rekening

2018

Rekening

2019

Rekening

2020

1 Kas- en banksaldi per 1 januari 243.000 -12.808.000 -12.181.000
  Geldstromen:      
2 Operationele activiteiten 2.592.000 6.234.000 24.622.000
3 Investeringsactiviteiten -6.878.000 -7.547.000 -5.198.000
4 Financieringsactiviteiten -8.765.000 1.940.000 2.965.000
5 Kas- en banksaldi per 31 december  -12.808.000 -12.181.000 10.208.000
         
6 Kasgeldlimiet -7.700.000 -8.500.000 -8.500.000
7 Ruimte onder de kasgeldlimiet      10.708.000
8 Overschrijding van de kasgeldlimiet  5.108.000 3.681.000  
Toelichting
1 Dit betreft de kas en banksaldi per 1 januari van de jaren 2018 tot en met 2020.
2 In de operationele activiteiten zijn onder meer verwerkt de effecten van bouwgronden in exploitatie, de inzet van reserves en voorzieningen, ontwikkelingen in de vorderingen en schulden.
3 De bestedingen aan investeringen, de effecten van desinvesteringen en bijdragen van derden vallen onder de investeringsactiviteiten. Dit is in de balans toegelicht bij het onderdeel (im)materiële vaste activa.
4 De aflossingen op de al aangegane geldleningen, het aantrekken van een langlopende lening en ontwikkelingen binnen de Starterslening SVn maken onderdeel uit van de financieringsactiviteiten. Dit is in de balans toegelicht bij de onderdelen vaste schuld met een rentetypische looptijd langer dan een jaar en die van financiële vaste activa.
5 Dit betreft de kas en banksaldi per 31 december van de jaren 2018 tot en met 2020.
6 De kasgeldlimiet is 8,5% van het begrotingstotaal.
7 In 2020 voldeden we aan de norm van de kasgeldlimiet.
8 De Wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan dient de toezichthouder daarvan via een rapportage op de hoogte te worden gebracht en dient een plan te worden overgelegd waarin is vermeld hoe de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft. We zijn binnen de drie kwartalen gebleven en daarmee is voldaan aan de norm.

 

Schatkistbankieren

De regeling schatkistbankieren verplicht decentrale overheden hun overtollige liquide middelen en beleggingen aan te houden bij het ministerie van Financiën. Dit behoudens een drempelbedrag wat bepaald is op 0,75% van het begrotingstotaal. Voor De Ronde Venen geldt voor 2020 als drempel € 750.000. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen mag een gemeente gemiddeld over het hele kwartaal maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist aanhouden. We hebben een overzicht van elk kwartaal van 2020 opgenomen in de toelichting op de balans.

Deelname van de decentrale overheden aan schatkistbankieren draagt bij aan een lagere EMU schuld van de collectieve sector. Dit verlaagt namelijk de externe financieringsbehoefte van het Rijk, waardoor het Rijk minder hoeft te financieren op de markt, hetgeen zich weer vertaalt in een lagere staatsschuld. Daarnaast verwacht het Rijk een verdere vermindering van de beleggingsrisico’s waaraan decentrale overheden worden blootgesteld. De middelen die een gemeente in de schatkist aanhoudt, blijven beschikbaar voor de uitoefening van de publieke taak.

Rente- en treasuryresultaat

De kosten van rente is in overeenstemming met landelijke verslagleggingsrichtlijnen toegerekend aan bouwgronden in exploitatie en investeringen. Er is sprake van een renteresultaat en een treasuryresultaat. In het laatste resultaat is opgenomen de ontvangen dividenden.

Rente- en treasuryresultaat (bedragen x 1.000 euro)
    2019 2020
1 De externe rentelasten over de korte en lange financiering 1.244 1.121
2 De externe rentebaten over de korte en lange financiering 34 38
3 Saldo 1.210 1.083
  Toerekening:    
4 De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend -293 -351
5 Aan taakvelden toe te rekenen externe rente -940 -801
6 Renteresultaat (afrondingsverschillen in de toe te rekenen rente) 23 -69
7 Ontvangen dividend BNG Bank [1] 106 17
8 Ontvangen dividend Vitens [2] 36 0
9 Treasuryresultaat 165 86

 

[1] In 2020 is rekening gehouden met € 17.000 aan nog te ontvangen dividend over 2019.

[2] In 2020 is geen dividend uitgekeerd om daarmee de kosten van verouderde waterleidingen te kunnen opvangen.

Bedrijfsvoering

Samenvatting

Wij zijn een organisatie die werkt voor en met onze inwoners. Om de organisatie en het bestuur in staat te stellen onze inwoners zo optimaal mogelijk te faciliteren is de ondersteunende bedrijfsvoering hierbij van wezenlijk belang. Alles wat wij doen staat onverminderd in het perspectief van de opgaves van onze organisatie en is uiteindelijk ten dienste aan onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners.

In onze ontwikkeling naar een wendbare, toegankelijke en omgevingsgerichte organisatie hebben we noodgedwongen een grote stap gezet door de in het voorjaar ontstane Corona-crisis. Als gevolg van de oproep van de regering om zoveel mogelijk thuis te werken, is het grootste deel van de organisatie plaats- en tijd onafhankelijk gaan werken. Ook de medewerkers in vitale processen zijn onverminderd doorgegaan met het op locatie vormgeven van onze dienstverlening. Tijdens deze grote omschakeling is er met volledige inzet gewerkt aan de continuïteit van de dienstverlening aan onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners.

Beleidskader voor bedrijfsvoering

Binnen de vastgestelde beleidskaders is een aantal onderdelen gerealiseerd en een aantal in ontwikkeling.

Het in 2019 gelegde fundament op de bedrijfsvoering is verstevigd. Er is geïnvesteerd in management- en verantwoordingsinformatie. De slag naar het organisatie breed verstevigen en dragen van de bedrijfsvoering is nog onvoldoende gezet. Dit is in het najaar van 2020 door het Directie Management Team tot speerpunt benoemd voor het organisatie ontwikkeltraject dat in 2021 (door)start. Andere pijlers in dit traject zijn het ontwikkelen van de medewerkers vanuit goed werkgeverschap. Uitgangspunt hierbij is dat wij ook in tijden van bezuinigingen een aantrekkelijk werkgever willen zijn en medewerkers begeleiden in hun ontwikkeling binnen en als nodig ook buiten onze organisatie.

In 2020 was onze ambitie om prioriteit te geven aan het digitaal samenwerken, zowel intern als met inwoners, ketenpartners en medeoverheden. Hier zijn we ruimschoots in geslaagd. De ambtelijke organisatie, het bestuur en de Raad hebben allen met hun flexibele inzet hun bijdrage hieraan geleverd door digitaal te overleggen en samen te werken.
Voor onze informatievoorziening is er een vastgesteld kader, “de visie op informatievoorziening". Het automatiseringsbeleid is in 2020, in de vorm van de Doelarchitectuur ICT, vastgesteld door het college. Over de voortgang van ICT is in de tweede bestuursrapportage, op basis van een geheel vernieuwd format, aan de raad gerapporteerd.

Er zijn extra kosten gemaakt in verband met de coronacrisis. In Domein 3  is een totaaloverzicht van de financiële effecten van de coronamaatregelen opgenomen.

De bedrijfsvoering bestaat uit de volgende onderdelen:

  • personeel & organisatie,
  • informatievoorziening & automatisering
  • financiën,
  • juridische zaken
  • communicatie,
  • facilitaire zaken & huisvesting.

Personeel & organisatie | werven en ontwikkelen van personeel

In 2020 hebben 38 medewerkers de organisatie verlaten. En zijn in totaal 54 nieuwe medewerkers aangenomen. Vacatures worden via verschillende media verspreid, waaronder onze eigen vacaturesite. Dat leverde, op enkele moeilijk vervulbare vacatures na, voldoende respons op. De selectieprocedures verliepen in 2020 overwegend via digitale kanalen en indien mogelijk een ontmoeting op locatie. Ook bij de introductie van nieuwe medewerkers is het zwaartepunt voor de meeste functies op 'digitaal’ komen te liggen.

De doelstelling om vaste mensen in te zetten op vaste formatie en selectief gebruik te maken van externe inhuur heeft tot resultaat dat de totale omvang van de inhuur als percentage van de loonsom is gedaald van 25 % in 2019 naar 17,3%. De daling wordt bewerkstelligd door het sturen op het beleid om vaste mensen in te zetten op vaste formatie. De daling is niet Corona-gerelateerd en is structureel zolang dit beleid wordt gehanteerd.

In 2020 is de strategische personeelsplanning gecontinueerd. Bij strategische personeelsplanning (SPP) gaat het om de toekomstbestendige match van enerzijds capaciteit en kwaliteit van de medewerkers en anderzijds de behoefte van de organisatie. Planmatig wordt gewerkt aan de juiste persoon op de juiste plaats. Er wordt meer inzicht verkregen in de kennis en kunde van de individuele medewerker in relatie tot wat er nodig is in het team en de ontwikkelingen binnen de organisatie. De ontwikkelingen die op de afdelingen en teams afkomen zijn geïnventariseerd, de ontwikkelbaarheid van de medewerkers is in kaart gebracht. Het traject wordt in 2021 vervolgd met het maken van personeelsplannen per team.

In november 2020 is een medewerkers tevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Een dergelijk onderzoek wordt eens in de 2 –3 jaar uitgevoerd. In 2021 wordt gewerkt aan verbeteringen, die onder meer liggen op het vlak van samenwerking, resultaatgerichtheid en werkdruk.

In 2020 hebben er geen opleidingen en groepstrainingen op locatie plaatsgevonden. Kennis-gerichte opleidingen konden deels worden omgezet in digitale vorm, maar trainingen die groepsdynamiek als werkvorm nodig hebben zijn niet doorgegaan. Concern-brede opleidingen die wel zijn doorgegaan, zijn onder meer een basiscursus - en verdiepende cursus Algemene Wet Bestuursrecht, helder en strategisch adviseren en helder en actief schrijven.

Als gevolg van bovengenoemde ontwikkelingen is er dit jaar minder geld aan opleidingen uitgegeven dan begroot.

Personeel & organisatie | ziekteverzuim

Het ziekteverzuim over geheel 2020 bedraagt 5,34 %. Dit is een lichte daling ten opzichte van 2019. De daling wordt vooral veroorzaakt door een daling van het kortdurend verzuim. In veel organisaties is deze trend waarneembaar. Medewerkers die thuis kunnen werken en klachten hebben die hen anders zouden verhinderen om naar het werk te komen, melden zich minder vaak ziek. Er is veel aandacht besteed aan de begeleiding van het thuiswerken. Door frequent contact te onderhouden, digitale team-overleggen, nieuwsbrieven en regelmatig nieuwe tips voor het thuiswerken. Op deze wijze proberen we te voorkomen dat medewerkers in sociaal isolement raken of overbelast raken.

Personeel & organisatie | organisatieontwikkeling

In 2019 is de richting voor de organisatie opgesteld. De richting legt de nadruk op sturen op resultaat en kwaliteit, heldere rollen waarbij ruimte voor talent, ontdekken en leren van belang is. Onze kernwaarden zijn DURF-RESPECT-VERBINDEND (DRV). De organisatie van de gemeente De Ronde Venen heeft in 2020 ‘durf’ getoond door nieuwe werkwijzen toe te passen, er was 'respect’ voor ieders persoonlijke omstandigheden bij het thuiswerken en er was ‘verbinding’ via het digitale platform dat versneld is uitgerold.

De slag naar het organisatie breed verstevigen en dragen van de bedrijfsvoering is nog onvoldoende gezet. Dit is in het najaar van 2020 door het Directie Management Team tot speerpunt benoemd voor het organisatie ontwikkeltraject dat in 2021 (door)start.

De ontwikkelde visie en de opgaven blijven actueel voor het vormgeven van de organisatieontwikkeling in de komende jaren.

Personeel & organisatie | generalistische kennis en kunde

In het voorjaar 2020 is een nieuw team gestart van 3 allround programma- en projectleiders. Zij zijn in dienst van De Ronde Venen. Ze geven leiding aan projecten als het digitaal documentair informatiemanagement, de implementatie van de Omgevingswet, het digitaliseren van de bestuurlijke besluitvorming en het programma duurzaamheid. Het gaat om projecten van strategisch belang voor onze gemeente. De inzet van generalisten heeft snelheid gebracht in deze projecten, zonder dat hiervoor extern is ingehuurd. Vanuit het mantra ‘ontwikkelen door te doen’ leveren de generalisten een bijdrage aan het verbeteren van het project- en programmatisch werken binnen De Ronde Venen.

Informatievoorziening | informatieveiligheid en privacy

De informatieveiligheid/privacy behoeft continue de aandacht. Naast de technische doorontwikkeling van informatiebeveiliging zijn de activiteiten om de bewustwording te onderhouden ook in 2020 gecontinueerd.

Door de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is privacy een structureel en organisatiebreed beleidsdomein. Om aan de eisen te voldoen die de AVG stelt is in 2020 (en 2021) gewerkt aan verdere implementatie en organisatie brede borging. Een belangrijk aspect binnen de AVG betreft de inventarisatie en uitvoering van zogenaamde DPIA’s (Data Protection Impact Assessments). Een DPIA is een instrument om vooraf de privacy risico’s van een gegevensverwerking in kaart te brengen om daarna maatregelen te nemen om die risico’s te verkleinen. Een uitvoeringsproces inclusief standaard format is hiervoor ontwikkeld. De uitvoering van DPIA’s vindt plaats in 2021.

Door de professionalisering van het verwerkingsregister, de procedure voor datalekken & incidenten en het opstellen van een melding risico acceptatie (MRA) is er in voldoende mate gewerkt aan het implementeren en borgen van de AVG. Ook is het handboek privacy voor medewerkers beschikbaar.

De Privacy en Informatieveiligheidsweek (PIV-week) t.b.v. bewustwording heeft niet plaatsgevonden. In plaats daarvan zijn tips en tricks op intranet gedeeld en is het onderwerp digitaal aan bod gekomen in “de Meester in je werkweek".

In 2018 heeft De Ronde Venen ingestemd met deelname aan de landelijke aanbesteding Gemeentelijke Gemeenschappelijk Infrastructuur (GGI) Veilig, opgezet door VNG Realisatie. In totaal doen 333 gemeenten en gemeentelijke samenwerkingsverbanden mee aan deze aanbesteding die door VNG is georganiseerd. Deze aanbesteding bestaat uit 3 percelen. De gunning heeft in juli 2019 plaatsgevonden en nemen deelnemers producten en diensten af onder deze nieuwe raamovereenkomsten. Wij doen dit voor de vervangingen zoals opgenomen in de meerjaren investeringen. Deze nemen wij af onder perceel “Aanvullende security producten/diensten”. In 2020 hebben we via dit perceel de vervanging van de firewall uitgevoerd. Voor het perceel “Security expertise services” geldt dat dit (landelijk) minder voorspoedig verloopt dan bij het opstellen van de begroting was voorzien en om die reden is de planning aangepast naar eind 2021.

Ter verhoging van de beveiliging van de ICT-infrastructuur is eind 2020 de opdracht voor de implementatie van de NAC (Netwerk Access Control) gegund en is gestart met de werkzaamheden. NAC is een methode om het eigen netwerk te versterken. De werkzaamheden worden in 2021 afgerond.

In 2020 is de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA) over 2019 succesvol afgerond. Deze audit bevat onderdelen van:

  • Basisregistratie Personen en reisdocumenten
  • Basisregistratie adressen en gebouwen
  • Basisregistratie Ondergrond en
  • Basisregistratie Grootschalige Topografie.
  • Structuur Uitvoering Werk en Inkomen en een tweetal DigiD-aansluitingen.

Door middel van deze audits wordt de stand van zaken met betrekking tot de informatieveiligheid periodiek en adequaat getoetst.

Informatievoorziening | digitaal (samen)werken

In 2020 is een eerste aanzet gemaakt voor het digitaal samenwerken, door implementatie van Teams. Medewerkers, bestuur en de gemeenteraad zijn hierdoor in de gelegenheid gesteld om middels video- overleg en chat met elkaar samen te werken. Door de versnelde uitrol zijn diverse functies nog uitgeschakeld (in verband met het behouden van de informatieveiligheid en afhankelijkheid met nog niet geïmplementeerde en/of bepaalde randvoorwaarden). Eind 2020 is gestart met de doorontwikkeling hiervan zodat in 2021 functies zoals bijvoorbeeld het delen van bestanden/documenten. kunnen worden vrijgegeven en integratie met andere applicaties zoals mail en agenda wordt gerealiseerd.

Informatievoorziening | functioneel beheer

Informatie is een volwaardig bedrijfsmiddel dat moet worden beheerd en wordt gecreëerd vanuit gegevens die in applicaties worden ingevoerd en gemuteerd. Het goed inrichten van de processen en professioneel beheer van applicaties is van belang. Richtinggevend daarbij zijn de vastgestelde Visie op Informatievoorziening en Doelarchitectuur ICT. Om te komen tot uniforme beheerprocessen en deze in te voeren is er een functioneel beheerdersplatform waarin maandelijks afstemming is.

Het functioneel beheer van de applicaties i-Burgerzaken en de website is in 2020 ingevuld.

In 2020 hebben de afdelingshoofden en teamleiders van de Afdeling Dienstverlening, Sociaal Domein en IBOR een training gevolgd, om zo een goed beeld te krijgen van de taken en verantwoordelijkheden van functioneel beheerders en inzicht te krijgen wat goed informatiemanagement inhoudt. Deze training wordt in 2021 aangeboden aan de overige afdelingen.

Informatievoorziening | digitaal archiveren/zaakgericht werken

Op 21 juni 2020 heeft de raad het programma Digitalisering Documentair Informatiemanagement vastgesteld. In dit programmaplan is de herijkte visie op het zaakgericht werken uitgewerkt in een aantal sporen en acties. Een belangrijke randvoorwaarde voor het uitvoeren van die acties vormt een up to date Informatiebeheerplan. De afspraken hoe en waarin informatie wordt bewerkt, gearchiveerd en onderhouden in de vak applicaties, vormt de kern van het informatiebeheerplan. In 2020 is begonnen met het toetsen of de applicaties aan de eisen die hiervoor gelden, voldoen. Daarnaast zijn ook feitelijke verbeterstappen gezet en worden werkprocessen verder gedigitaliseerd. Eén van de stappen vormt het verder stroomlijnen en digitaliseren van de besluitvorming van afdeling naar college en naar de gemeenteraad.

Informatievoorziening | ICT

Om aan te blijven sluiten op de digitale wereld om ons heen, digitaal wendbaar en bereikbaar te zijn en medewerkers te ondersteunen met een flexibele (mobiele) werkplek, is continue onderhoud, verbetering en vernieuwing van onze ICT-omgeving noodzakelijk. In de 2de bestuursrapportage 2020 is aangegeven dat project Telefonie (implementatie nieuw telefonieplatform), op basis van de VNG-aanbesteding GT Connect, onzekerheden kende. Eind 2020 is vanuit de VNG over dit project GT Connect aangegeven dat zij de raamovereenkomst met de leverancier heeft ontbonden. Voor De Ronde Venen betekent dit dat het project Telefonie is stopgezet en afhankelijk is van het verloop van het beëindigingsproces tussen VNG en Leverancier. In 2021 wordt beoordeeld wat nodig is, intussen is de continuïteit van onze huidige telefonie omgeving geborgd.

Voor de resultaten ten aanzien van de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet, benoemd als prioriteit in 2020, verwijzen wij naar Domein 2.

In 2020 is de WiFi voorziening vervangen, is een vervangingsronde uitgevoerd voor verouderde iPads en iPhones en is de servercapaciteit uitgebreid.

Financiën

Met het door ontwikkelen van het financiële systeem is het factuurproces dermate verbeterd dat het doorloopproces binnen de gestelde termijn is. Dit betekent dat we onze leveranciers tijdig betalen. Daarnaast is het verplichtingen proces verbeterd. Gevolg hiervan is vermindering van de administratieve druk en meer sturen aan de voorkant.

Juridische zaken

Ook dit jaar heeft Juridische Zaken periodiek collegevoorstellen gecontroleerd ten behoeve van de juridische kwaliteitszorg. Vastgesteld wordt dat de kwaliteit in de regel op niveau is. Waar nodig is bijgestuurd met verbetervoorstellen. Ook is het belang van het vroegtijdig inschakelen van JZ onder de aandacht gebracht.

Communicatie

We willen als gemeentelijke organisatie een aantrekkelijk werkgever zijn die zichtbaar en herkenbaar is. Om de nodige kwalitatieve expertise aan te trekken is middels een arbeidsmarkt- communicatiecampagne op internet (Google, LinkedIn) volop geadverteerd. Met onze aangeschafte monitoringstool beantwoordden en plaatsten we online berichten efficiënter. Naast vacatures en ‘de reguliere’ gemeentelijke projecten” is er op social kanalen veel gedeeld over de Rijksbrede informatiecampagne rondom het coronavirus. Deze (crisis)communicatie en informatiecampagne heeft tot extra taken geleid, bijvoorbeeld extra advertenties opmaken en plaatsen in de lokale kranten.

Huisvesting

  • Onderhoud
    Aangezien er gewerkt wordt aan plannen voor de lange termijn wordt voor de korte termijn alleen het hoogstnoodzakelijke gedaan. Dit betekent instandhouding en beheren van het gebouw zoals dit is opgenomen in de Meerjarenonderhoudsbegroting (MJOP).
  • Nieuwbouw/renovatie
    De verwachting is dat in 2021 een raadsvoorstel wordt voorgelegd over de toekomst van het gemeentehuis. (zie Domein 3 acties 3.06.1 en 3.06.2)

Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken

In het kader van artikel 213a gemeentewet worden jaarlijks twee doelmatigheidsonderzoeken uitgevoerd. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door het college van burgemeester en wethouders. In de 2e bestuursrapportage hebben we u reeds geïnformeerd dat het onderzoek naar externe inhuur vertraging heeft opgelopen. Het onderzoek naar de gladheidsbestrijding is afgerond. Het onderzoek naar de Toegang wordt niet uitgevoerd. Door de recent gestarte en geplande onderzoeken binnen het Sociaal Domein is dit overbodig.

Interbestuurlijk toezicht

De provincie is toezichthouder voor de beleidsonderwerpen gemeentelijke financiën, ruimtelijke ordening, bouwen, milieu, huisvesting, monumenten, archief- en informatiebeheer en constructieve veiligheid van bouwwerken. Het Rijk is toezichthouder voor de gemeenten op die terreinen, waar provincies geen taak en expertise hebben. Dit geldt bijvoorbeeld voor onderwijswetten en sociale zaken. Deze werkwijze is geregeld in de Wet Revitalisering Generiek Toezicht.

De provincie Utrecht heeft op haar website een overzicht opgenomen van de resultaten van de uitvoering van de wettelijke taken van de gemeente De Ronde Venen en overige gemeenten binnen de provincie Utrecht. Deze resultaten zijn raadpleegbaar via https://www.provincie-utrecht.nl/onderwerpen/alle-onderwerpen/interbestuurlijk-toezicht/

Formatie en bezetting

    1/1/'19 31/12/'19 Gemiddeld 1/1/'20 31/12/'20 Gemiddeld

1

Toegestane formatie in fte's

302 302 302 304 310 307
2 Feitelijke bezetting in fte's 264 277 270 283 294 289
3 Vacatureruimte in fte's (1 min 2) 38 25 32 21 16 19

 

Toelichting: 

De gemiddelde vacatureruimte in het jaar 2020 is 19 fte. Dat is 40% minder dan in 2019. Dit betekent dat er meer vacatureruimte is ingevuld met vast personeel dan het voorgaande jaar. 

Financiën bedrijfsvoering - Algemeen

De hieronder beschreven definities zijn landelijk bepaald en gelden voor alle gemeenten.

  • Capaciteitskosten zijn de totale kosten die de organisatie maakt aan salarissen, sociale lasten, werkkostenregeling en inhuur. Hierbij wordt buiten beschouwing gelaten de griffie en het bestuur.
  • Overhead betreft alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Een groot deel hiervan bestaat uit capaciteitskosten van medewerkers van ondersteunende afdelingen en van leidinggevenden. Daarnaast zijn er kosten voortkomend uit ondersteunende taken die gedekt worden uit voor die taken opgenomen budgetten, zoals informatievoorziening en ICT. De kosten van overhead zijn opgenomen in programma 9 Bestuur en dienstverlening. 
  • Apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (capaciteitskosten), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten (zoals meubilair) die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.

1 | Capaciteitskosten

Er is een voordeel ontstaan op de capaciteitskosten van € 535.000 waarvan € 190.000 incidenteel en € 345.000 structureel. Dit voordeel is voornamelijk ontstaan doordat gedurende het jaar strak is gestuurd en gemonitord op de kosten van externe inhuur. Bij de indicatoren BBV van domein 3 is zichtbaar dat het percentage externe inhuur is gedaald ten opzichte van de voorgaande jaren.

Het incidenteel voordeel heeft betrekking op: 

  • begeleiding en toetsen werken van derden,
  • afwikkeling overdracht VTH-taken ODRU
  • flexibele schil KCC,
  • doorontwikkeling digitaal documentmanagement
  • programma- en projectleiding dienstverlening.

Voor de toelichting op de incidentele budgetten wordt verwezen naar het overzicht incidentele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. 

Bedragen x €1.000
Capaciteitskosten per programma (exclusief bestuur en griffie) Rekening 2019 Begroting 2020 na wijziging Rekening 2020 Verschil 2020
Programma 1 Openbare orde en veiligheid 427 593 578 15
Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat 1.532 1.600 1.537 63
Programma 3 Economische zaken 312 371 358 13
Programma 4 Onderwijs 398 471 464 7
Programma 5 Cultuur, recreatie en sport 1.979 2.014 1.995 19
Programma 6 Sociaal domein 4.995 5.534 5.449 85
Programma 7 Milieu en duurzaamheid 1.707 1.900 1.813 87
Programma 8 Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting 2.386 2.245 2.163 82
Programma 9 Bestuur en ondersteuning 11.042 10.181 10.018 162
Programma 10 Financiering en algemene dekkingsmiddelen 129 80 78 1

2 | Overhead

Hieronder is financiële informatie opgenomen over overhead en vervolgens zijn de verschillen toegelicht.

Bedragen x €1.000
Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na wijziging Rekening 2020 Verschil 2020
Lasten
E040 Overhead 10.396 9.144 9.015 129
E041 Personeel en organisatiebeleid 821 603 641 -37
E042 Regionaal inkoopbureau 159 165 139 26
E043 Communicatie 129 127 156 -29
E044 Juridische zaken 215 69 98 -29
E045 Bestuurszaken bestuursonderst 103 53 33 20
E046 I&A 2.393 2.317 2.271 45
E047 DIV 456 563 524 39
E048 Facilitaire zaken huisvesting 809 735 743 -8
E049 Financiële adminstratie 173 392 654 -262
Totaal Lasten 15.654 14.168 14.275 -107
Baten
E040 Overhead 44 0 1 -1
E046 I&A 1 5 11 -5
E048 Facilitaire zaken huisvesting 50 56 56 0
E049 Financiële adminstratie 137 0 0 0
Totaal Baten 232 61 67 -7

Toelichting op de overheadkosten

De overheadkosten bestaan uit personele kosten (E040 capaciteitskosten overhead) en materiële kosten (E041 - E049).  Hierop is een nadeel ontstaan van € 101.000 is opgebouwd uit een nadeel van € 405.000 op structurele budgetten en een voordeel van € 304.000 op incidentele budgetten.

 

Totaaloverzicht

  Structureel Incidenteel Saldo  
Personele budgetten 25.000 104.000 129.000 Voordeel
Materiële budgetten (structureel) -430.000   -430.000 Nadeel
Materiële budgetten (incidenteel)   200.000 200.000 Voordeel
  -405.000 304.000 -101.000  

E040 Personele overheadkosten

Er is een voordeel ontstaan op de personele overheadkosten van € 129.000. Dit voordeel bestaat voor € 104.000 aan een voordeel op de incidentele personele overhead budgetten. Het gaat hierbij om het personele deel voor de doorontwikkeling digitaal documentmanagement € 64.000 en Programma- en Projectleiding dienstverlening € 40.000. Voor de toelichting op de incidentele budgetten wordt verwezen naar 05 overzicht incidentele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Daarnaast is er een voordeel ontstaan van € 25.000 op de structurele personele overheadkosten. 

E041 - E049 Materiële overheadkosten

Binnen de structurele materiële overheadkosten is een nadeel ontstaan van € 430.000. Dit nadeel is als volgt opgebouwd. 

Onderdeel Bedrag Voordeel of Nadeel Omschrijving
E041 Personeel en organisatiebeleid -37.000 Nadeel Dit nadeel is opgebouwd uit diverse voor- en nadelen waaronder hogere juridische kosten op het gebied van personeel, hogere kosten bedrijfsgezondheidsdienst, hogere kosten werkervaringsplaatsen en een voordeel op bedrijfsbijeenkomsten en lief en leed.
E042 Regionaal inkoopbureau 26.000 Voordeel Het aantal afgenomen uren van Stichting Regionaal Inkoopbureau IJmond en Kennemerland (RIJK) lag in 2020 lager dan begroot waardoor er een onderschrijding is ontstaan.
E043 Communicatie -66.000 Nadeel

Als gevolg van de coronapandemie zijn er extra kosten gemaakt om inwoners en ondernemers via verschillende kanalen te informeren over de maatregelen en consequenties. Denk hierbij aan extra advertenties/mededelingen zowel print als non-print. Daarnaast is geïnvesteerd in verschillende tools voor de  doorontwikkeling en verbetering van de toegankelijkheid van de website, het monitoren en publiceren op social media en het beheren en verwerken van enquêtes. Om informatie te visualiseren en toegankelijker te maken zijn extra kosten gemaakt voor het gebruik van infographics.

E044 Juridische zaken -29.000 Nadeel

Dit nadeel is opgebouwd uit diverse voor- en nadelen waaronder kosten voor privacy awareness, hogere advocaatkosten, hogere kosten ombudsman en lagere kosten bij sociale kamer aangezien zittingen voornamelijk digitaal hebben plaatsgevonden en hierdoor minder reiskosten zijn gemaakt.

E045 Bestuurszaken 6.000 Voordeel De kosten voor jaarcyclus documenten en de kosten voor representatie DMT zijn lager uitgevallen dan begroot. 
E046 I&A -42.000 Nadeel

Dit nadeel is voornamelijk ontstaan door diverse voor- en nadelen waaronder stijging licentiekosten diverse applicaties, versnelde uitrol MS teams, verzamelfacturen data- en telefonie zijn geboekt op de I&A budgetten en een voordeel op repro wat grotendeels wordt veroorzaakt door lagere reprokosten in verband met corona.

E047 DIV -10.000 Nadeel

Er zijn extra kosten gemaakt op de onderdelen postverzorging en vakliteratuur ten opzichte van de begrote kosten in 2020. De begrote kosten voor postverzorging zijn afgeraamd in 2020 in verband met corona. Deze besparing valt in werkelijkheid lager uit. 

E048 Facilitaire zaken & huisvesting -16.000 Nadeel Als gevolg van de coronamaatregelen zijn diverse posten binnen facilitaire zaken & huisvesting in 2020 afgeraamd. Deze besparingen zijn in werkelijkheid lager uitgevallen.
E049 Financiële administratie -262.000 Nadeel

Extra dotatie aan de voorziening dubieuze debiteuren algemeen en voor de jaren 2017 en 2018 heeft er een onderzoek plaatsgevonden door Step in Control. De uitkomsten van het onderzoek resulteerde in naheffingsaanslagen met belastingrente. Daarnaast is door het gewijzigde standpunt van de staatssecretaris inzake de gescheiden inzameling van het huishoudelijke afval een rentenadeel ontstaan doordat btw die eerst geclaimd was bij het BTW-compensatiefonds nu teruggevraagd is via de aangifte omzetbelasting. Voor de rente die moest worden betaald heeft er geen rentevergoeding plaatsgevonden. 

  Totaal -430.000 Nadeel  

 

Binnen de incidentele materiële overheadbudgetten is een voordeel ontstaan van € 200.000. Dit voordeel is als volgt opgebouwd. 

Product Bedrag Voordeel of nadeel Omschrijving Incidenteel budget
E043 Communicatie 37.000 Voordeel Dit betreft een voordeel op de incidentele budgetten arbeidsmarktcommunicatie en inwonersparticipatie.
E045 Bestuurszaken 14.000 Voordeel Dit betreft een voordeel op het incidentele budget Implementatie business control framework.
E046 I&A 92.000 Voordeel Dit betreft een voordeel op de incidentele budgetten Aanschaf en implementatie Netwerk Access Control en Systeembeheer
E047 DIV 49.000 Voordeel Dit betreft een voordeel op het incidentele budget Doorontwikkeling digitaal documentmanagement (materiële stuk)
E048 Facilitaire zaken huisvesting 8.000 Voordeel Dit betreft een voordeel op het incidentele budget onderzoek toekomst gemeentehuis. 
Totaal 200.000 Voordeel  

 

Voor de toelichting op de incidentele budgetten wordt verwezen naar het overzicht incidentele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves

3 | Apparaatskosten

De apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) voor 2020 zijn € 30.414.000. 

Omschrijving Bedragen x € 1.000
Capaciteitskosten  24.452
Externe inhuur buiten de capaciteitskosten 798
Totale financiële kosten voor het inzetten van personeel 25.250
   
Materiële overheadkosten  5.193
Correctie externe inhuur op de materiële overheadkosten -28
Totale materiële overheadkosten excl. externe inhuur 5.165
   
Totaal apparaatskosten 30.414

 

Verbonden partijen

Samenvatting

In 2020 is gesproken over de eventuele toetreding van De Ronde Venen tot de netwerkorganisatie U10. De raad is hierover via informatienota's en een discussie in de raadscommissie geïnformeerd over de mogelijkheden en de stappen die daarbij moeten worden gezet.  In 2021 wordt de raad een voorstel over de eventuele toetreding voorgelegd.

Beleidskader voor verbonden partijen

Voor het uitvoeren van gemeentelijk beleid vindt in samenwerking plaats met andere partijen. Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft. De gemeente heeft bestuurlijke en financiële belangen in meerdere gemeenschappelijke regelingen, deelnemingen en overige verbonden partijen. De paragraaf verbonden partijen geeft inzicht in de mate van verbondenheid en beschrijft belangrijke ontwikkelingen.

Bestuurlijk belang is zeggenschap, ofwel via vertegenwoordiging in het bestuur ofwel via stemrecht. Er is sprake van bestuurlijk belang als een bestuurder of een ambtenaar van de gemeente namens de gemeente in het bestuur van de partij plaatsneemt, of namens de gemeente stemt. Een financieel belang is een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, ofwel het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.

In de Gemeentewet staat in artikel 160, lid 2 een bepaling voor het aangaan van verbonden partijen. Deze bepaling luidt als volgt: “Het college besluit slechts tot de oprichting van en deelnemingen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raad een ontwerpbesluit is toegezonden en hij zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college heeft kunnen brengen. Het besluit tot beëindiging van verbonden partijen wordt niet genomen dan nadat de raad een ontwerpbesluit is toegezonden en hij zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college heeft kunnen brengen."

In de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn de bevoegdheden opgenomen voor het aangaan of beëindigen van een gemeenschappelijke regelingen. Hiervoor geldt dat de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters niet over gaan tot het treffen van een regeling dan na verkregen toestemming van de gemeenteraden. De toestemming kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Dit geldt tevens voor het wijzigen of het uittreden uit een regeling.

In december 2018 heeft de raad de nota verbonden partijen vastgesteld en is het instrument van 'raadsrapporteurs' ingevoerd. Deze raadsrapporteurs volgen, namens de raad, een verbonden partij en rapporteren daarover aan de raad.

Gemeenschappelijke regelingen

De gemeenschappelijke regelingen voeren verschillende taken en regelingen uit namens de gemeente. Per gemeenschappelijke regeling zijn gegevens opgenomen over:

  • De vestigingsplaats van de gemeenschappelijke regeling;
  • Een toelichting op het openbaar belang;
  • Aan welk programma de verbonden partij een bijdrage levert;
  • Welke deelnemers uitmaken van de gemeenschappelijke regeling;
  • Eventuele risico’s die van invloed zijn op onze financiële positie.

Financiële gegevens van de gemeenschappelijke regelingen zijn opgenomen in een totaaloverzicht "Financiële gegevens van de gemeenschappelijke regelingen". Dit betreft onder andere de gemeentelijke bijdrage, de omvang van het eigen vermogen (EV) en de omvang van het vreemd vermogen (VV). Deze twee vormen samen het balans totaal.

01. Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Utrecht

Vestigingsplaats Utrecht
Openbaar belang De VRU behartigt de belangen van de gemeenten op de volgende terreinen: de brandweerzorg; de organisatie van de Geneeskundige Hulpverlening Organisatie in de Regio (GHOR), de rampenbestrijding en crisisbeheersing en tot slot de meldkamer. Daarnaast heeft de VRU de zorg voor een adequate samenwerking met politie en de regionale ambulancevervoersvoorziening ten aanzien van onder meer de gemeenschappelijke meldkamer; een gecoördineerde en multidisciplinaire voorbereiding op de rampenbestrijding en crisisbeheersing
Programma 01. Openbare orde en veiligheid
Deelnemers De 26 Utrechtse gemeenten
Financiële risico's Begrotingswijzigingen die effect hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdragen worden altijd voor een zienswijze voorgelegd aan de gemeenteraden. De gemeenten worden op deze manier in de gelegenheid gebracht om zowel invloed uit te oefenen op de strategische koers van de VRU als de concrete uitwerking en financiële vertaling daarvan in de begroting.

02. Gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Stichtse Groenlanden

Vestigingsplaats Utrecht
Openbaar belang Het belang van de deelnemers bij de intergemeentelijke openluchtrecreatie en de bescherming van natuur en landschap
Programma 5. Cultuur, recreatie en sport
Deelnemers gemeenten De Bilt, De Ronde Venen, Houten, Lopik, Stichtse Vecht, Nieuwegein, Utrecht, Woerden en IJsselstein, alsmede provinciale Utrecht
Financiële risico's
  • Door Corona had het recreatieschap in 2020 minder inkomsten uit evenementen en pacht (vrijstelling/uitstel verleend). SGL vraagt de deelnemers binnenkort mogelijk om een extra bijdrage ter compensatie van de misgelopen pachtinkomsten.
  • In 2020 deed SGL onderzoek naar de toekomstbestendigheid van RMN en het schap zelf en concludeerde dat zaken anders moeten. Waarschijnlijk leidt dit tot de liquidatie van uitvoeringsorganisatie RMN en een andere samenwerkingsvorm tussen de deelnemers van het schap. De kosten die dit toekomst-traject met zich meebrengt zijn op dit moment nog niet volledig inzichtelijk, maar leiden na 2020 tot een verhoging van de deelnemersbijdrage.
  • In 2020 ontstond vertraging in het bestemmingsplanproces Plassengebied (niet vastgesteld). Daardoor vertraagden ook de voortgang en uitvoering van de activiteiten uit het Ontwikkelscenario Zandeilanden van SGL. D.m.v. het uitvoeren van dit Ontwikkelscenario realiseert het schap opbrengsten om de wegvallende bijdrage van gemeente Amsterdam per 2024 op te vangen. Wanneer SGL in 2024 deze verdienopgave van 78.000 euro per jaar niet volledig behaalt, is gemeente De Ronde Venen contractueel verplicht het verschil te betalen.

 

03. Gemeenschappelijke regeling Gezondheidsdienst Regio Utrecht

Vestigingsplaats Zeist
Openbaar belang

De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) in te stellen en in stand te houden. De GGD regio Utrecht is een gemeenschappelijke regeling en werd in 2013 opgericht door de Utrechtse gemeenten en de provincie Utrecht.  Namens de gemeenten voert de GGDrU de gemeentelijke verplichtingen van de Wet Publieke Gezondheid uit. Het gaat onder andere om infectieziektebestrijding, medische milieukundige zorg, SOA-bestrijding, gezondheidsbeleid en -onderzoek, toezicht kinderopvang, crisisfunctie, jeugdgezondheidszorg, rijksvaccinatieprogramma en Wmo-toezicht. Daarnaast nemen gemeenten een maatwerkpakket af. Hierin zitten voor De Ronde Venen bijvoorbeeld het Meldpunt Bezorgd en trajecten Stevig Ouderschap.

Programma 6. Sociaal domein
Deelnemers De provincie Utrecht en de 26 gemeenten binnen de provincie Utrecht
Financiële risico's De rijksoverheid vergoedt alle door de GGDrU gemaakte extra kosten  i.v.m. Covid-19.  De gemeente loopt hierdoor geen financieel risico.

04. Gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht (AVU)

Vestigingsplaats Soest
Openbaar belang De AVU is een gemeenschappelijke regeling en werd in 1984 opgericht door de Utrechtse gemeenten en de provincie Utrecht. Namens de gemeenten voert de gemeenschappelijke regeling AVU de regie op de overslag, het transport, de bewerking en de verwerking van het door de inwoners van de provincie Utrecht aangeboden huishoudelijk afval. Daarnaast is in 1995 een NV opgericht waarvan de gemeenschappelijk regeling AVU de enige aandeelhouder is. De N.V. AVU biedt de mogelijkheid tot maatwerkcontracten waaraan niet alle gemeenten behoeven deel te nemen.
Programma 7. Milieu en duurzaamheid
Deelnemers

De provincie Utrecht en de 26 gemeenten binnen de provincie Utrecht

Financiële risico's

Risico's:

  1. Nieuw beleid van de rijksoverheid in de vorm van belastingmaatregelen, dat van invloed is op verwerkingstarieven.
  2. Discontinuïteit in afvoer en verwerking van huishoudelijk rest en gft-afval, dat kan leiden tot kortdurende inzet van middelen.

De kans van optreden wordt als zeer klein ingeschat. Daarom heeft de AVU geen buffer. Indien tegenvallers zich toch zouden voordoen worden deze direct verrekend met de deelnemende gemeenten.

05. Gemeenschappelijke regeling Historisch Centrum Vecht en Venen

 

Vestigingsplaats Breukelen
Openbaar belang Het gezamenlijk uitvoeren van de Archiefwet 1995 en het stimuleren van de lokale en regionale geschiedbeoefening en het daartoe aanleggen, beheren en bewaren van een zo compleet mogelijke collectie bronnenmateriaal op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis.
Programma 9. Bestuur en ondersteuning
Deelnemers De gemeenten Stichtse Vecht, De Bilt, Weesp en De Ronde Venen
Financiële risico's
  • Aan de studiezaal zijn aanpassingen gedaan i.v.m. coronamaatregelen. 
  • Naar aanleiding van een tijdig geconstateerd datalek is het RHC gestart met het scannen van de collectie. Ingeschat is dat dit project 6 maanden á 24 uur per week in beslag zal nemen.
  • AVG beleid wordt opgesteld.

Het RHCVV heeft de intentie uitgesproken om de bovengenoemde risico's gedeeltelijk op te vangen door de inzet van de reserve.

06. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst regio Utrecht (ODrU)

Vestigingsplaats Utrecht
Openbaar belang Het behartigen van de belangen van de gemeenten tezamen en van elke deelnemende gemeente afzonderlijk op het gebied van omgeving in de ruimste zin
Programma 7. Milieu en duurzaamheid / 8. Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting
Deelnemers De gemeenten Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Montfoort, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vianen, Woerden, Wijk bij Duurstede en Zeist
Financiële risico's

Kosten worden rechtstreeks doorberekend in de leges.

07. Amstelland Meerlanden overleg

Vestigingsplaats Haarlemmermeer
Openbaar belang

Het Amstelland-Meerlandenoverleg (AM) fungeert als platform, waardoor de zeven deelnemende gemeenten elkaar op diverse terreinen snel en effectief kunnen vinden wanneer dat nodig is. Het gebied van AM vormt de zuidflank van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en is aangewezen als een deelregio binnen MRA. Het platform wordt benut om de gezamenlijke belangen van het AM-gebied te behartigen in de MRA en in de vervoersregio Amsterdam.

Programma 9. Bestuur en ondersteuning
Deelnemers De gemeenten Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel, Uithoorn, De Ronde Venen, Aalsmeer en Haarlemmermeer.
Financiële risico's Onze bijdrage en die van de andere deelnemers wordt uitsluitend ingezet voor het organiseren van een overlegstructuur. Hierdoor zijn er geen financiële risico's voor de deelnemers bij dit platform.

08. Gemeentebelastingen Amstelland

Vestigingsplaats Amstelveen
Openbaar belang Het vormen van een gemeenschappelijke ambtelijke belastingorganisatie die belast is met de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen alsmede de Uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken
Programma 10. Financiering en algemene dekkingsmiddelen
Deelnemers De gemeenten Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel, Uithoorn en De Ronde Venen. De gemeente Aalsmeer is daarnaast een rechtstreekse deelnemer van de gemeenschappelijke regeling Gemeentebelastingen Amstelland.
Financiële risico's -

Financiële gegevens van de gemeenschappelijke regelingen

 

Nr. Naam

2019

2020

Financieel

resultaat 

Eigen

vermogen

Vreemd

vermogen

Bijdrage gemeente

Financieel

resultaat [*]

Eigen

vermogen [*]

Vreemd

vermogen [*]

Bijdrage gemeente

01 Veiligheidsregio Utrecht (VRU) 2.572 13.081 44.366 2.449 2.129 17.732 47.178 2.530
02 Recreatieschap Stichtse Groenlanden (RSGL) 1.048 4.744 6.397 463 -192 4.722 5.313 470
03 Gezondheidsdienst Regio Utrecht 633 4.233 11.747 1.459 2.264 5.143 35.524 1.554
04 Afvalverwijdering Utrecht (AVU) 176 494 17.383 1.284 166 696 22.327 1.449
05 Omgevingsdienst regio Utrecht (ODrU) 221 1.750 7.700 2.368 126 1.158 7.863 2.716
06 Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen (RHC) 49 108 285 259 -13 11 355 285
07 Amstelland Meerlanden overleg n.v.t. n.v.t. n.v.t. 4 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 4
08 Gemeentebelastingen Amstelland n.v.t. n.v.t. n.v.t. 830 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 955

[*]  Financiële gegevens gebaseerd op  voorlopige jaarstukken 2020. 

Deelnemingen

Naast de gemeenschappelijke regelingen zijn er twee deelnemingen: 

  1. De gemeente bezit 37.323 aandelen BNG Bank.  In 2020 is rekening gehouden met een nog te ontvangen dividend van € 17.000 over 2019.
  2. De gemeente bezit 40.426 aandelen Vitens. In 2020 is geen dividend uitgekeerd om daarmee de kosten van verouderde waterleidingen te kunnen opvangen.

Overige verbonden partijen

Naast de gemeenschappelijke regelingen en deelnemingen werken we samen met overige verbonden partijen:

  • Kansis (Stichting Beschut Werk
  • WerkwIJSS (Stichting Schoonmaakwerk)
  • Kansis Groen (Stichting Groenwerk)
  • Stichting Mooisticht
  • Marickenland (Groenfonds)
  • Gebiedsprogramma Utrecht-West
  • Het  Zorg- en Veiligheidshuis Regio Utrecht (ZVHRU)
  • Stichting Beveiliging Bedrijventerrein De Ronde Venen (SBB)
  • Stichting Regionaal Inkoopbureau IJmond & Kennemerland (RIJK)
  • Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG)

Hun bijdragen aan onze doelstellingen zijn toegelicht bij de drie domeinen.

Grondbeleid

Bouwgronden in exploitatie | Algemeen

Jaarlijks vindt de actualisatie van de grondexploitaties plaats. Uitgangspunt voor de actualisatie zijn de door de raad vastgestelde grondexploitaties, vastgestelde plannen en woningbouwprogramma's. De grondexploitaties zijn een financiële weergave van eerder genomen besluiten, waarbij de voortgang van de projecten is verwerkt en de onderliggende aannames van kosten, opbrengsten en parameters zijn geactualiseerd.

De relatie tussen de jaarrekening 2020 en de actualisatie grondexploitaties 2021 is als volgt:

  • De boekwaarde is het "onderhanden werk, waarbij wordt aangetoond dat deze boekwaarde wordt terugverdiend binnen de grondexploitatie;
  • Voor een grondexploitatie met een negatief exploitatieresultaat is een verliesvoorziening nodig;
  • Bij winstgevende grondexploitaties wordt conform de regelgeving van het Besluit Begroting Verantwoording de winst genomen;
  • Negatieve risico's moeten worden opgevangen binnen het beschikbare weerstandvermogen.

De gemeenteraad behandelt de rapportage "actualisatie grondexploitaties 2021" in het tweede kwartaal van 2021. Deze rapportage is een uitgebreide toelichting op de actualisatie en bevat de financiële impact voor de jaarrekening 2020.

Risicoanalyses worden binnen de projecten op een gestructureerde manier aangepakt. Risico's worden geïnventariseerd en waar mogelijk voorzien van een beheersmaatregel. Niet alle risico's vertalen zich in directe tegenvallers. Bij winstgevende grondexploitaties gaan de risico's in eerste instantie ten koste van de winst. Bij een verliesgevende exploitatie is een buffer nodig binnen het weerstandsvermogen van de gemeente.

Bouwgronden in exploitatie | Beleidskader

Allerlei ontwikkelingen op maatschappelijk, economisch en ruimtelijk gebied hebben invloed op het grondbeleid van de gemeente. De woningmarkt heeft de afgelopen periode veel beweging gekend. De nota grondbeleid 2018 - 2021, vastgesteld op 22 februari 2018, bevat een actualisatie van het grondbeleid. Uitgangspunt van het beleid is een regisserende houding binnen het faciliterende grondbeleid. Hierop kan een uitzondering worden gemaakt als aankoop of het dragen van kosten noodzakelijk is om een maatschappelijk gewenste ontwikkeling mogelijk te maken.

De als onderhanden werken opgenomen bouwgronden zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijp maken) alsmede een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten. Van de bouwgronden in exploitatie zijn actuele grondexploitaties aanwezig. Zodra sprake is van een verwacht verlies dan wordt daarvoor een verliesvoorziening getroffen, die op de voorraden in mindering wordt gebracht.

Bij het stelsel van baten en lasten zoals geformuleerd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn het toerekeningbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel essentiële uitgangspunten. Baten en lasten – en het daaruit vloeiende resultaat – moeten worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Het verantwoorden van tussentijdse winst is daarmee geen keuze maar een verplichting die voortvloeit uit het realisatiebeginsel. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten. Hierdoor wordt de winst genomen naar rato van de voortgang van het complex (POC-methode; percentage of completion methode).

De winsten en verliezen van de grondexploitaties worden via resultaatbestemming verrekend met de algemene reserve.

Bouwgronden in exploitatie | Financieel totaaloverzicht

Verloopoverzicht bouwgronden in exploitatie (bedragen x € 1.000)
  De Maricken Land van Winkel

Stations-

locatie

Mijdrecht

Totaal
Boekwaarden per 31 december 2019 13.912 1.889 5.080 20.881
Vermeerderingen 1.972 919 155 3.046
Verminderingen -22.335 -4.742 0 -27.077
Tussentijdse winstneming 2020 3.690 730 0 4.420
Boekwaarden per 31 december 2020 -2.761 -1.204 5.235 1.270
  • Nog te maken kosten
3.358 1.059 528 4.945
  • Nog te realiseren opbrengsten
-1.570 0 -1.698 -3.268
  • Inzet van verliesvoorziening
0 0 -4.065 -4.065
Nog te realiseren resultaten 2021 e.v. 973 145 0 1.118
         
Winstnemingen:        
2017 tot en met 2019 1.940 3.050   4.990
2020 3.690 730 0 4.420
2021 e.v. 973 145 0 1.118
Eindresultaat 6.603 3.925 0 10.528

Bouwgronden in exploitatie | Financiële hoofdlijnen

Twee projecten zorgen voor een exploitatiewinst van € 10,5 miljoen. Een project sluit met een nadeel van € 4,1 miljoen. Hiervoor is een voorziening getroffen. In de periode 2021/2022 is € 4,9 miljoen voorzien aan nog te maken kosten en € 3,3 miljoen aan nog te realiseren opbrengsten.

Ten opzichte van de jaarrekening 2019 zijn per saldo de resultaten gestegen. Positief is dat de risico’s fors zijn gedaald: 90% van de resterende grondopbrengsten (circa € 30 miljoen) zijn in 2020 gerealiseerd:

  • Voor De Maricken zijn per 1 januari 2021 98% van alle woningen verkocht. De aanwezigheid van de rugstreeppad heeft voor wat  vertraging  gezorgd, maar daar is adequaat op gereageerd om het effect zo klein mogelijk te laten zijn. De laatste kavels worden naar verwachting in het eerste kwartaal van 2021 verkocht. Het financieel resultaat is met € 123.000 verbeterd.
  • Het financieel resultaat voor Land van Winkel is verbeterd met € 104.000. Bij deze grondexploitatie zijn de financiële risico’s in belangrijke mate gedaald doordat alle resterende kavels in 2020 zijn verkocht.
  • Bij de Stationslocatie Mijdrecht is het resultaat licht negatiever geworden (- € 7.000). De kosten zijn hoger geworden als gevolg van vertraging in de planologische procedure en daarmee hogere rentelasten en plankosten. Daar staan hogere opbrengsten tegenover vanwege de indexering van de grondopbrengsten.

De Maricken | Stand van zaken

Voortgang

  • Van het totaal van 518 woningen zijn er inmiddels 360 gerealiseerd.
  • Door de aanwezigheid van de rugstreeppad heeft vertraging plaatsgevonden in de vergunningverlening en daarmee ook in de verkoop van kavels. Ondanks deze vertraging is het gelukt om vrijwel alle kavels te verkopen. Naar verwachting worden de resterende 12 kavels in de eerste maanden van 2021 verkocht.
  • De werkzaamheden voor 2021 richten zich met name op het woonrijp maken van de laatste deelgebieden 4 en 5 en de realisatie van het park aan de noordoostzijde. In het tweede kwartaal van 2021 wordt de autobrug naar Wilnis gerealiseerd.
  • De grondexploitatie wordt naar verwachting in 2022 afgesloten. Dat is een jaar later dan bij de vorige actualisatie aangegeven. In dat jaar wordt het woonrijp maken van deelplan 5 afgerond en het park gerealiseerd.

 

Resultaat

De boekwaarde op 31 december 2019 was € 13.912.000. Hiervan is € 1.940.000 tussentijdse winstneming. Op 31 december 2020 is de boekwaarde - € 2.761.000 inclusief de tussentijdse winst van € 3.690.000,- die in 2020 wordt genomen. Het nog te realiseren resultaat is gelijk aan € 973.000. Tezamen met voorgaande winstnemingen komt het eindresultaat op € 6.603.000.

 

Belangrijkste verschillen ten opzichte van actualisatie 2020

Vorig jaar kwam het eindresultaat op € 6.480.000. Met het nieuwe resultaat van € 6.603.000. betekent dit een verbetering van € 123.000. 

  • Voor de laatste fasen van het bouw- en woonrijp maken zijn nieuwe ramingen opgesteld. Deze komen tezamen lager uit dan de ramingen van vorig jaar. De belangrijkste redenen hiervoor zijn:
    • De aanbesteding van het woonrijp maken van deelplan 4 kwam lager uit dan voorgaand geraamd.
    • Een paar kostenposten die eerder bij woonrijp stonden zijn (terecht) bij bouwrijp maken geboekt. Daarmee zijn de kosten voor het bouwrijp maken relatief gestegen en die van woonrijp maken gedaald.
  • Door aanvullende onderzoeken (met name de rugstreeppad) en extra projectmanagement komen de plankosten hoger uit. Werkzaamheden rondom de rugstreeppad hebben ook tot extra kosten in de uitvoering geleid.
  • De rentelasten komen lager uit doordat het project langer doorloopt en de boekwaarde positief is.

 

Risico’s

Het risico ten aanzien van de grondopbrengsten is met de verkoop van bijna alle kavels fors afgenomen. De risico’s betreffen met name mogelijke onverwachte kosten bij het woonrijp maken. Gezien de actuele ramingen van deze kosten worden de risico’s hierbij als beperkt beschouwd.

Land van Winkel | Stand van zaken

Voortgang

  • Alle kavels (195) zijn verkocht. Het grootste deel is inmiddels bebouwd en bewoond. Er zijn nog zes woningen in aanbouw.
  • Waar de woningen in zijn geheel bewoond zijn, is het openbaar gebied woonrijp gemaakt. Alle bruggen en de hoofdrijweg (Lindewetering) zijn klaar.
  • Naar verwachting kan de grondexploitatie eind 2021 worden afgesloten.

 

Resultaat

De boekwaarde op 31 december 2019 was € 1.889.000. Hiervan is € 3.050.000 tussentijdse winstneming. Op 31 december 2020 is de boekwaarde - € 1.204.000 inclusief de tussentijds winst van € 730.000 die in 2020 wordt genomen. Het nog te realiseren resultaat is gelijk aan € 145.000. Tezamen met voorgaande winstnemingen komt het eindresultaat op € 3.925.000.

 

Belangrijkste verschillen ten opzichte van actualisatie 2020

Vorig jaar kwam het eindresultaat op € 3.821.000. Met het nieuwe resultaat van € 3.925.000 betekent dit een verbetering van € 104.000.

  • De kosten woonrijp maken zijn gedaald, onder andere vanwege meevallers in de aanbesteding van de Lindewetering.
  • De plankosten komen onder andere door het proces rondom de Lindewetering hoger uit. Daarbij moeten een aantal onderzoeken opnieuw worden uitgevoerd vanwege vertraging. De plankosten voor 2021 zijn naar boven bijgesteld.
  • De opbrengsten zijn vanwege rentevergoedingen hoger dan bij de actualisatie geraamd.

Risico’s

Het grootste risico in dit project was het afzetrisico, maar door verkoop van alle kavels is dit risico niet meer aanwezig. De risico’s betreffen de resterende kosten, maar deze zijn relatief laag.

Stationslocatie Mijdrecht | Stand van zaken

Voortgang

  • Vanwege ingediende beroepen bij de Raad van State is het bestemmingsplan nog niet onherroepelijk. De ingediende beroepen hebben geleid tot aanpassing van het plan. Het bestemmingsplan met de gewijzigde verbeelding(plankaart) is aan de raad ter vaststelling aangeboden.
  • De verwachting was dat de grondexploitatie van de Stationslocatie in 2020 zou worden afgesloten, maar door de vertraging in de bestemmingsplanprocedure gebeurt dit een jaar later.

 

Resultaat

De boekwaarde op 31 december 2019 was € 5.080.000. Op 31 december 2020 is de boekwaarde € 5.235.000. Tezamen met de nog te maken kosten en opbrengsten is het eindresultaat - € 4.065.000 (verliesvoorziening).

 

Belangrijkste verschillen ten opzichte van actualisatie 2020

Vorig jaar kwam het eindresultaat op - € 4.058.000. Met het nieuwe resultaat van € 4.065.000 betekent dit een vermindering van het resultaat van € 7.000.

  • De vertraging heeft extra rentelasten en plankosten tot gevolg. Vanwege de hoge boekwaarde zijn de rentelasten relatief hoog.
  • De grondopbrengsten zijn gestegen als gevolg van afspraken over de indexering.

 

Risico's

Het risico voor de Stationslocatie is dat de kosten (plankosten) hoger uitkomen. Op basis van de Kans x Effect van de negatieve risico’s is het effect van deze risico’s op de verliesvoorziening gelijk aan € 10.000. Het benodigd weerstandvermogen is hiermee gelijk aan € 10.000. Een en ander betekent dat het benodigd weerstandsvermogen gelijk blijft ten opzichte van de actualisatie 2020.

Eigendommen niet voor de publieke taak bestemd | Algemeen

De gemeente bezit diverse eigendommen (grond en gebouwen), die niet voor een publieke taak zijn bestemd en waarbij het voornemen is om deze te verkopen.

Conform de bepalingen van het BBV wordt in de jaarrekening bepaald of er sprake is van duurzame waardevermindering. Hiervan is sprake als de taxatiewaarde lager is dan de boekwaarde. Als de taxatiewaarde hoger is dan de boekwaarde is er sprake van een stille reserve.

De volgende eigendommen vallen onder de noemer Eigendommen niet voor de publieke taak bestemd:

  1.  Glastuinbouw Wickelhof Mijdrecht.
  2.  Marickenzijde 2e fase Wilnis.
  3.  Bedrijventerrein N201 Mijdrecht.
  4.  Stationsgebied Abcoude (Bovenkamp1-3).
  5.  Baambrugse Zuwe 143b Vinkeveen.
  6.  Herenweg 196 en 196A te Vinkeveen.
  7.  Centrum Oost, Herenweg 70 Vinkeveen.
  8.  Poldertrots.  Botsholsedwarsweg 2d Waverveen (overgedragen 21 december 2020 aan koper).
  9.  Ontspanningsweg /Wilnisser Dwarsweg Mijdrecht.
  10.  Provincialeweg N201 Mijdrecht (agrarisch perceel).
  11.  Twistvliedschool, Kwikstaart 44 Mijdrecht.
  12.  Baambrugse Zuwe achter 116 Vinkeveen.
  13.  De Hoeksteen, Eendracht 6 Mijdrecht.

 

Eigendommen niet voor de publieke taak bestemd | Stille reserve

De boekwaarde van gronden en verspreide percelen kan lager zijn dan de actuele waarden, waardoor er binnen de gronden niet voor de publieke taak bestemd sprake is van stille reserves. Deze reserves kunnen van substantiële betekenis zijn in relatie tot het balanstotaal dan wel de financiële positie van de gemeente. De omvang van de stille reserves is € 3.917.000 op 31 december 2020.  In 2019 was dit  € 3.658.000.

Verstrekte en ontvangen subsidies en bijdragen

1 Verstrekte subsidies en bijdragen |Samenvatting

Het subsidiebudget voor 2020 bedroeg € 7.265.000. Hiervan is € 6.678.000 besteed. Het verschil wordt voornamelijk verklaard door aanzienlijke lagere uitgaven voor programma 6. Op het taakveld 'samenkracht en burgerparticipatie' zijn de uitgaven hoger door de Coronacompensatie, deze compensatie is verder toegelicht bij domein 1. Tevens zijn er op de taakvelden 'maatwerkdienstverlening 18+' en 'geëscaleerde zorg 18-' lage kosten of geen kosten. Op deze taakvelden zijn de kosten op een andere categorie verantwoord dan de categorieën die in deze bijlage inzichtelijk zijn gemaakt. 

1 Verstrekte subsidies en bijdragen | Financieel overzicht

De Ronde Venen ondersteunt veel initiatieven op het gebied van wonen, werken, welzijn, onderwijs, kunst, cultuur, sport, recreëren, enz. Allemaal activiteiten die ten goede komen aan de Rondeveense samenleving. De gemeente doet dit onder andere door het verstrekken van subsidies en bijdragen.

De wettelijke basis voor het verstrekken van subsidies is geregeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) (titel 4.2), voorts de Algemene subsidieverordening. De subsidieverordening vormt de grondslag voor de verleende subsidies. Daarnaast is een aantal nadere regels opgesteld voor het verstrekken van subsidies. Hierbij kan gedacht worden aan 'Beleidsregels Subsidie Sportstimulering', 'Beleidsregels subsidieaanvragen bewoners en bewonersorganisaties' en 'Nadere regels ten aanzien van het eigen vermogen en de reserves van de subsidieontvangers van de gemeente De Ronde Venen 2013'.

Bedragen x €1.000
Exploitatie Begroting 2020 na wijziging Rekening 2020 Verschil 2020
Programma 1 Openbare orde en veiligheid
1.2 Openbare orde en veiligheid 84 75 8
Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat
2.1 Verkeer en vervoer 0 5 -5
2.5 Openbaar vervoer 5 5 0
Totaal Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat 5 10 -5
Programma 3 Economische zaken
3.1 Economische ontwikkeling 0 3 -3
3.3 Bedr.loket en bedr.regelingen 110 112 -2
3.4 Economische promotie 0 26 -26
Totaal Programma 3 Economische zaken 110 141 -31
Programma 4 Onderwijs
4.2 Onderwijshuisvesting 0 32 -32
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 612 539 73
Totaal Programma 4 Onderwijs 612 571 41
Programma 5 Cultuur, recreatie en sport
5.1 Sportbeleid en activering 235 197 38
5.2 Sportaccommodaties 625 637 -12
5.3 Cultuurpresentatie, prod.partic. 157 169 -11
5.4 Musea 25 0 25
5.5 Cultureel erfgoed 0 11 -11
5.6 Media 729 721 8
5.7 Openbaar groen en recreatie 12 45 -34
Totaal Programma 5 Cultuur, recreatie en sport 1.783 1.779 4
Programma 6 Sociaal domein
6.1 Samenkracht en burgerparticip. 2.051 2.469 -418
6.2 Wijkteams 464 464 0
6.3 Inkomensregelingen 80 98 -18
6.4 Begeleide participatie 301 351 -50
6.5 Arbeidsparticipatie 65 160 -95
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 155 2 153
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- 163 125 38
6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 0 0 0
6.82 Geëscaleerde zorg 18- 1.060 0 1.060
7.1 Volksgezondheid 126 130 -4
Totaal Programma 6 Sociaal domein 4.464 3.799 665
Programma 7 Milieu en duurzaamheid
7.2 Riolering 0 0 0
7.3 Afval 0 30 -30
7.4 Milieubeheer 0 99 -99
Totaal Programma 7 Milieu en duurzaamheid 0 129 -129
Programma 8 Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting
8.2 Grondexpl. (niet-bedr.terreinen) 0 1 -1
8.3 Wonen en bouwen 43 17 25
Totaal Programma 8 Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting 43 19 24
Programma 9 Bestuur en ondersteuning
0.1 Bestuur 0 0 0
0.4 Overhead 164 156 9
Totaal Programma 9 Bestuur en ondersteuning 164 156 9

1 Verstrekte subsidies en bijdragen | Toelichting op financieel overzicht

Taakveld Omschrijving Toelichting
1.2 Openbare orde en veiligheid Er worden bijdragen verstrekt aan Bureau Halt, Veiligheidshuis en voor opvang van zwerfdieren. Deze instellingen dragen bij aan de doelstelling van een veilige omgeving. 
2.5 Openbaar vervoer Er is structureel budget beschikbaar om te verstrekken aan de Vereniging Buurtbus. Deze wordt verstrekt ter stimulering en uitvoering van kleinschalig vervoer in de gemeente.
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen De inkomsten uit deze heffing worden na aftrek van perceptiekosten overgeheveld naar het ondernemersfonds dat wordt beheerd door Stichting Koopcentrum Mijdrecht. De subsidie is bedoeld voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst.
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

Er zijn verschillende doelen met de subsidies op het taakveld onderwijsbeleid en leerlingenzaken. Ten eerste betreft een gedeelte de schoolbegeleidingsmiddelen die aan de scholen wordt verstrekt. Deze wordt naar rato van het aantal leerlingen over de scholen verdeeld voor leerlingenbegeleiding. Daarnaast betreft het de kind-gebonden subsidies voor peuterspeelzalen. Ook worden er subsidies verstrekt voor Technet, de taalklas en de klassenassistenten.

5.1 Sportbeleid en activering Een aanzienlijk deel van de subsidies wordt verstrekt voor het creëren van sport- en beweegaanbod door middel van de inzet van buurtsportcoaches. Daarnaast is budget beschikbaar voor de ondersteuning van incidentele projecten en er wordt een subsidie verstrekt aan de organisatie Spel en Sport 55+ om beweegactiviteiten te organiseren die met name voor ouderen bedoeld zijn.
5.2 Sportaccommodaties Aan Sporthal De Phoenix en Sporthuis Abcoude wordt een exploitatievergoeding verstrekt.
5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie

In het kader van de lokale bijdrage aan cultuureducatie is budget beschikbaar voor verscheidene organisaties voor kunst- en cultuureducatie en amateurkunst om het zichtbaar te maken, bij elkaar te brengen, de kwaliteit te verbeteren en om te initiëren. Tevens worden bijdragen verstrekt aan muziekverenigingen, Stichting Ab-Art en Stichting Straattheater. Ten slotte is er budget voor eenmalige subsidies dat wordt ingezet voor nieuwe aansprekende kunst- en cultuurevenementen van samenwerkende kunst- en cultuurorganisaties, nieuw beleid en noodzakelijke investeringen in het kunst- en cultuurveld.

5.4 Musea Er was een bijdrage voor musea beschikbaar in de gemeente. Vanwege onderuitputting en in het kader van ombuigingen is hier niet langer budget voor beschikbaar.
5.6 Media RTV De Ronde Venen ontvangt een subsidie. Voorwaarde is dat de berichtgeving het gemeentehuis omvat en dat de gebeurtenissen in de gemeente worden verslagen en becommentarieerd. Daarnaast wordt een bijdrage verstrekt voor de cultuurconsulent. Ten slotte is een budget beschikbaar voor de Bibliotheek. Het doel is om uitvoering te geven aan de openbare bibliotheek, het verhogen van de sociale cohesie, het verhogen van de participatie en het terugdringen en voorkomen van taalachterstanden.
5.7 Openbaar groen en recreatie

De gemeente geeft een bijdrage voor het organiseren van tal van excursies en lezingen in en over natuur en landschap binnen de gemeente. Daarnaast wordt een bijdrage verstrekt aan De Oranjevereniging voor het organiseren van activiteiten op Koningsdag en tijdens de herdenkingen op 4 mei.

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Dit taakveld omvat vele subsidies in het voorliggende veld. Onder meer Stichting Tympaan-De Baat, Kwadraad Maatschappelijk Werk, Stichting MEE, Thuisbegeleiding, Stichting Handje Helpen, Antidiscriminatievoorziening, Stichting Slachtofferhulp en coördinatie huiselijk geweld initiëren en voeren activiteiten uit die de leefbaarheid in de gemeente De Ronde Venen bevorderen. Het welzijnswerk levert algemene voorzieningen die het beroep op individuele maatwerkoplossingen reduceert en vervult daarmee een belangrijke functie in het voorveld. Naast de inzet van professionele krachten, maken zij veel gebruik van vrijwilligers. Tevens wordt een bijdrage verstrekt aan de dorpshuizen voor hun bijdrage aan de buurtvoorzieningen en de sociale infrastructuur. Daarnaast is er budget voor wijkopbouw, bewonersbudget, cliënttevredenheidsonderzoek, toezicht kinderopvang, vreemdelingen, adviesraad sociaal domein en waardering mantelzorgers.
6.2 Wijkteams

Binnen de Servicepunten is een laagdrempelige toegang tot het Sociaal Domein georganiseerd, met een duidelijke informatie en adviesfunctie. De servicepuntenfunctie binnen Tympaan-de Baat biedt de gelegenheid om inwoners van De Ronde Venen optimaal kunnen bedienen. Hiervoor is structureel budget beschikbaar.

6.3 Inkomensregelingen Binnen dit taakveld wordt een subsidie verstrekt aan Stichting Jongeren Actief. Met deze subsidie worden contributies, zwemlessen, cultuurdeelname en sportkledingen en materialen vergoed voor kinderen en jongeren waarvan de ouders een laag inkomen hebben.
6.4 Begeleide participatie

Er wordt loonkostensubsidie verstrekt voor de wsw-ers werkzaam bij organisaties. Tevens worden de in 2019 opgerichte stichtingen Stichting GroenWerk, Stichting SchoonmaakWerk, en Stichting Beschut werk bekostigd vanuit dit taakveld. Deze stichtingen begeleiden en bieden werk aan de wsw-ers. Ook WIL, die de werkgeverstaken uitvoert namens de gemeente, ontvangt een bijdrage vanuit dit taakveld.

6.5 Arbeidsparticipatie Om jongeren zonder startkwalificatie en zonder werk een plek te bieden van waaruit er sneller uitzicht is op een baan is er in subsidie beschikbaar voor de leer-werkplaats.
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Er wordt ingezet op het bieden van maatwerktrajecten voor schuldhulpverlening. In de intakefase wordt aan de hand van indicatoren een inschatting gemaakt over het hoogst haalbare resultaat. Met deze aanpak wordt op efficiënte wijze schuldhulpverlening geboden. Verwacht wordt dat daarmee op termijn minder zware interventies nodig zullen zijn die leiden naar succesvolle bemiddeling.
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- Vanuit dit taakveld worden subsidies beschikbaar gesteld voor Buurtgezinnen en Familiegroepsplan.
6.82 Geëscaleerde zorg 18- Dit budget is bestemd voor de Justitiële maatregelen en Veilig Thuis 18- en 18+ die worden uitgevoerd door Samen Veilig Midden Nederland. Dit wordt gedaan om de veiligheid van het kind te verbeteren voor de opvang van de doelgroep kinderen 18-. De lasten om de veiligheid van het kind te verbeteren betreffen de aanpak kindermishandeling (de functie Advies- en meldpunten kindermishandeling (AMK’s) en kinderbeschermingsmaatregelendoor de gecertificeerde instelling). De jeugdreclassering (ook door de gecertificeerde instelling) is een taak waarbij de zorg vaak wordt verleend op last van de rechter.
7.1 Volksgezondheid

Voor de uitvoering van de CJG-taken ontvangt Kwadraad een bijdrage. Dit is bestemd voor cursussen en het pedagogisch bureau.

8.3 Wonen en bouwen

Er is een structureel budget van opgenomen voor het monitoren van de woonvisie. De advisering over de urgenties voor de toewijzing van huurwoningen wordt uitgevoerd door de Stichting Urgentieverlening West Utrecht (SUWU). Hiervoor is ook een structureel budget beschikbaar.

0.4 Overhead In 2014 is de gemeente toegetreden tot Regionaal Inkoopbureau IJmond & Kennemerland (RIJK). Het Rijk adviseert bij inkoop en aanbestedingen. Er is structureel budget beschikbaar voor de bijdrage aan het Rijk. 

2 Ontvangen subsidies en bijdragen | Samenvatting

De vier belangrijkste ontvangen subsidies en bijdragen voor 2020 zijn:

1 Rijksbijdrage algemene uitkering € 53,9 mln.
2 Rijksbijdrage voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen (BUIG) € 7,4 mln.
3 Rijksbijdrage Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)  € 5,6 mln.
4 Overige bijdragen van inwoners, provincie, gemeenten en Rijk € 1,2 mln.
  Totaal € 68,1 mln.

 

2 Ontvangen subsidies en bijdragen | Financieel overzicht

Bedragen x €1.000
Exploitatie Rekening 2019 Rekening 2020
0.3 Beheer ov. gebouwen en gronden 0 -2
0.4 Overhead 0 -15
0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds -50.416 -53.965
1.2 Openbare orde en veiligheid 0 -2
2.1 Verkeer en vervoer -45 -34
2.5 Openbaar vervoer -5 -10
4.2 Onderwijshuisvesting -10 -7
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken -175 -165
5.1 Sportbeleid en activering 0 -15
5.2 Sportaccommodaties -116 -97
5.5 Cultureel erfgoed 0 -15
5.7 Openbaar groen en recreatie -2 0
6.3 Inkomensregelingen -7.236 -12.950
6.4 Begeleide participatie -318 -85
6.5 Arbeidsparticipatie -114 -4
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) -62 -46
6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 0 -81
7.3 Afval 0 -79
7.4 Milieubeheer 0 -277
7.5 Begraafplaatsen en crematoria -273 -274